‘Zelfs de kinderen van Jesse lopen gevaar’ II

Ali hield zich verder in, ondanks zijn woede, maar zijn punt had ie wel gemaakt. Hij doelde op een artikel in De Telegraaf en de journalist die had geschreven dat Ali mogelijk een opdracht tot liquidatie zou hebben gegeven in de rechtszaal, terwijl hij enkel gebaarde naar zijn broertje met een schuine handbeweging, zich afvragend of zijn ouders al per vliegtuig naar Turkije waren vertrokken. Dit artikel had toen nogal wat teweeg gebracht bij Ali. Betreffende journalist staat dan ook niet in het lijstje populaire verslaggevers, op z’n zwakst gezegd. Peter La Serpe zei niets terug. Of zijn advocaat hem weerhield, of dat de microfoon uitstond, is mij niet duidelijk. Meestal volgt er wel een snedige reactie van de kant van de kroongetuige. Dit keer bleef het echter angstvallig stil. Mischien leek het hem wijzer zijn mond dicht te houden.

Mr. Jan Peter van Schaik deed vervolgens enkele verzoeken tot de rechtbank en reageerde op een brief van de hoofdofficier van het landelijk parket. La Serpe zou volgens deze brief worden gesanctioneerd omdat hij zich niet aan regels zou hebben gehouden van de kroongetuige-deal. La Serpe zou onder meer de publiciteit hebben gezocht en wordt gewezen op het feit dat de overeenkomst zal worden opgeheven. Hierdoor voelt La Serpe zich niet nader geroepen te verklaren. Het is La Serpe nl gebleken dat de veiligheid van zijn familie niet kan worden gegarandeerd en dat hij geen aanspraak kan maken op een nieuwe identiteit. Mede hierdoor verzocht de raadsman van de kroongetuige om herziening van deze beslissing. Hiertoe is de kroongetuige La Serpe nu een civiele procedure gestart tegen de staat. En subsidiair verzocht Van schaik schorsing tot er op deze civiele procedure is beslist. Er werd veelvuldig door de raadsman geciteerd uit een proefschrift van Dhr. Krijns om zijn betoog kracht bij te zetten.

Betty Wind van het OM reageerde echter als volgt: De gronslag is: Ik, La Serpe, ben het er niet mee eens. Dit is echter geen reden tot herziening. Als tweede het proefschrift van Dhr. Krijns. Zo’n proefschrift is geen novum, geen beslissing waarover u zou moeten herbeslissen. Dit waren de twee argumenten waarom herziening zou moeten worden gevraagd. Beide zouden ons inziens niet tot herziening moeten leiden. Het bewijs hangt niet af van de uitspraak van het civiele geding. De uitkomst van een civiele zaak kan er niet toe leiden dat een beslissing ongedaan wordt gemaakt. De strekking van de brief is dat La Serpe verder zijn mond moet houden over beschermingsmaatregelen. La serpe stelt dat zijn naasten in gevaar zouden komen en dat hij verdere bescherming wel kan vergeten. Dat staat er niet. Het enige dat er staat is dat men niet met La Serpe wil praten tot 6 maanden voor zijn straf erop zit. Er staat slechts dat er een sanctie zal zijn als La Serpe zich niet aan de afspraken houdt. De onmogelijke spagaat waar hij in terecht zou zijn gekomen gaat niet op hier. Verder had Wind nog een suggestie: Mijnheer van Schaik kan natuurlijk altijd in overleg met het TGB. (Team Getuigen Bescherming).

Mr. Nico Meijering had tot slot enkele opmerkingen en verzoeken aan de rechtbank. Allereerst merkte de raadsman van Ali Akgün op dat het horen van Dhr. De Haas en enkele rechercheurs als getuigen bij de stand van zaken toen werd afgewezen, maar verzocht bij de huidige stand van zaken De Haas en de rechercheurs toch te horen en vroeg de rechtbank hiertoe opdracht te geven. Van belang is volgens de raadsman dat de rechtbank het toendertijd kennelijk had opgehangen aan een toets. Kennelijk is deze toets er nog niet op losgelaten. Hij kan het verkeerd hebben, maar dan hoort hij dat graag, aldus Meijering. De Baja-getuigen en het Q5-verhaal. Meijering verzocht alsnog enkele getuigen te kunnen horen, met name de portiers zijn daarbij van groot belang omdat zij er steeds bij stonden toen Soerel en Holleeder dingen gezegd zouden hebben. Hiernaast, mischien wel nog belangrijker, verzocht Meijering het OM na te gaan of in het Kolbak-onderzoek naar Willem Holleeder ook observaties zijn geweest in en om de Baja Beach Club. Meijering reageerde lichtelijk geïrriteerd toen de rechter afvroeg wat het belang is van dit verzoek.

Meijering: Nou, mijnheer of mevrouw Q5 heeft verklaard dat Holleeder, Soerel en cliënt daar aanwezig waren. Dat wordt met kracht ontkent. Ik zie niet dat u geen belang ziet als er 3 á 6 maanden een aantal mensen wordt gezien terwijl in observaties niemand wordt gezien. Hoe concreet kan ik zijn om nou eens bij het landelijk parket na te vragen of dat nou is gebeurd. Ik weet dat het niet simpel wordt opgeschreven. Er gebeurt wel wat meer mee. Met name de heer Holleeder heb ik genoemd, of er in Kolbak dergelijk onderzoek heeft plaatsgevonden? Klein kansje, mischien groot geluk…

De rechtbank trok zich terug voor een laatste beraad. Lauwaars deed uitspraak.
Op de verzoeken van La Serpe/van Schaik besliste de rechtbank: De opgevoerde reden zijn niet toereikend. Er zijn geen aanleidingen om het te herzien. Onze beslissing blijft in stand. Subsidiair: De schorsing om de civiele procedure af te wachten. Het is niet afhankelijk van de civiele rechter.

Op de verzoeken van Akgün/Meijering besliste de rechtbank: Men acht de beslissing van de rechter-commissaris genoegzaam. Dan rest me te zeggen de verrichtingen van de RC af te wachten. De RC moet beslissen.

Lauwaars: We verwachten eind September, begin Oktober, een zitting om La Serpe te kunnen horen. Tot eind September.

Bondtehond bij het Liquidatieproces

Dit bericht werd geplaatst in Liquidatie proces en getagged met , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s