‘De kernvraag is de vraag in hoeverre Endstra nu de waarheid heeft gesproken’

Donderdag, na een onderbreking van zes weken, maakte de verdediging van Dino Soerel een flink aantal onderzoekswensen kenbaar aan de rechtbank in het liquidatieproces ‘Passage’. Alleen de verdachte Dino Soerel was vandaag aanwezig in de rechtszaal met aan zijn zijde Mrs. Bénédicte Ficq en Nico Meijering. Mr. Nico Meijering droeg de onderzoekswensen punt voor punt voor uit een pleitnota van de hand van confrère Leon van Kleef. (EDIT: Iemand wees mij erop dat er tijdens de zitting gezegd is dat de pleitnota door Mrs. Meijering, Ficq en Van Kleef samen is geschreven – red.) Mr. Van Kleef zelf verontschuldigde zich bij monde van Meijering aan de rechtbank over diens afwezigheid. Hij had namelijk een weekje vrij genomen in verband met carnaval in de Limburgse streek waar hij woont.

DinoSoerel.WillemHolleeder

Mr. Meijering verzocht de rechtbank een extra derde ronde eventuele onderzoekswensen in te ruimen in het zittingsschema. Daarover scheen een briefwisseling te zijn geweest tussen de verdediging en het openbaar ministerie. Het is echter nog niet zeker of er nog extra onderzoekswensen zullen volgen. De verdediging benadrukt als reden hiervoor dat het Kolbak-dossier nog steeds niet in bezit is van Dino Soerel en dat het OM zich op spekglad ijs begeeft door te stellen dat zij de raadsman hebben verzocht “te proberen samen met cliënt Soerel gebruik te maken van de Kolbak-cd”.

Meijering: Dat is mij niet verzocht. Bij een dergelijk verzoek zou ik meteen kenbaar hebben gemaakt dat dit gelet op het verblijf van cliënt in de EBI volstrekt onmogelijk is. Sterker nog: Ik weet zeker dat het OM van deze onmogelijkheid op de hoogte is. Het is de raadslieden zo ongeveer onmogelijk om zelfs maar hun DNA achter te laten in de EBI. Ik voel er bitter weinig voor om als jokkebrok te worden weggezet, kennelijk alleen maar om het eigen stilzitten te maskeren.

De raadsman maakt er een punt van omdat het tot onnodige vertraging leidt nu het volledige Kolbak-dossier nog niet in het bezit is gesteld van de verdediging. Het maakt het onmogelijk de onderzoekswensen vorm te geven. Daarom wil de verdediging dus een slag om de arm houden en brengt dit hen tot het verzoek een derde zittingsronde voor onderzoekswensen in te ruimen.

De verdediging verzocht nu tot het toevoegen van de volgende stukken:

Vervolg Crimesite:
(samenvatting 1e gedeelte pleitnota verdediging)
1 – Het ‘Kolbak-dossier’.
De verdediging noemt drie met elkaar samenhangende verdedigingsbelangen om de rechtbank te verzoeken kennis te nemen van het totale Kolbak-dossier.

I – Waarachtigheid achterbank-uitlatingen Endstra.
Het OM heeft ervoor gekozen de Endstra-tapes als belastend tegen Soerel in te brengen. Het OM gaf aan dat ‘slechts een beperkt deel van de Endstra-tapes van belang zou zijn’. De verdediging ziet dit anders, de waarachtigheid van het overige deel van de tapes kunnen wel degelijk iets zeggen over de waarachtigheid van hetgeen Endstra over Soerel heeft gezegd. Het OM wil kennelijk via Holleeder, als het gaat om verweten liquidaties en het daarmee samenhangende Art. 140 Sr-verwijt, bij Soerel uitkomen. De gedachte is -los van de houdbaarheid- overzichtelijk: hoewel uw cliënt op geen enkele wijze in relatie met Houtman en Van der Bijl is te brengen, is Holleeder dat wel en daarmee was uw cliënt bevriend, dan wel zakelijk actief. En dus… Kennelijk wil het OM die gedachte verder handen en voeten geven door middel van de Endstra-tapes en al hetgeen Endstra op de achterbank heeft gezegd over cliënt.

Nico Meijering: Voor de rechtbank dient volledig inzichtelijk te worden gemaakt wat de totale omvang van het onderzoek is geweest om de voor cliënt bezwarende elementen uit de Endstra-tapes bevestigd te krijgen: des te groter het onderzoek, des te meer zulks zegt over de uitkomst van dat onderzoek naar de waarachtigheid van die bezwarende elementen. Immers hoeveel getuigen heeft men in Kolbak gehoord en hoe omvangrijk is ook overigens het onderzoek geweest om bevestiging te krijgen van de uitspraken van Endstra dat -om maar enkele uitspraken te noemen: “Cliënt de baas is van het groepje, de groepering die zich bezig houdt met afpersingen”?; “Cliënt op kantoor van Mr.Moszkowicz Endstra zou hebben bedreigd of afgeperst”?; “Cliënt een keiharde is, waarvoor ze allemaal sidderen en beven”?; “Cliënt de geweldsman is”?; Cliënt de ongekroonde koning van de onderwereld is”?; “Cliënt gewoon de gevaarlijkste is”?; “Cliént echt de baas is”?; “Cliënt die ‘die Stanley’ en Mink Kok wilde ‘opruimen’ “?; “Holleeder ‘een miljoen of 20’bij cliënt heeft ‘zitten'”?; etc.

En bovenal, wat hebben die onderzoekshandelingen uiteindelijk opgeleverd als het gaat om de waarachtigheid van de negatieve uitspraken die Endstra over cliënt heeft gedaan? Vragen die enkel en alleen beantwoord kunnen worden door kennisneming van het totale Kolbak-dossier.

II – Afpersing als motief.
Bij gebrek aan motief aan de zijde van Soerel dient zulks volgens het dossier kennelijk eveneens te worden gezocht bij Holleeder. Er gaan drie theorieën de ronde:
– Er zou te weinig betaald zijn.
– Houtman en Van der Bijl zouden mogelijk praten met de politie over afpersingen.
– Deze twee zouden Holleeder wat aan willen doen – vanwege de afpersingen- en laatstgenoemde zou hen voor willen zijn.

Afpersingen als motief dus. Het is daarom van extreem groot belang om te bezien in hoeverre Soerel in het Kolbak-onderzoek in beeld is gekomen als het gaat om de onderzochte afpersingen.

III – Redenen van wetenschap Endstra.
De kernvraag is de vraag in hoeverre Endstra nu de waarheid heeft gesproken. Er zijn volgens de verdediging twee mogelijkheden denkbaar. De eerste is dat Endstra tegen beter weten in de waarheid geweld heeft aangedaan rondom Soerel. De andere mogelijkheid is dat er mankementen kleven aan de redenenen van wetenschap. Anders geformuleerd: dat de bron of bronnen van informatie Endstra onjuist heeft of hebben geïnformeerd en dat Endstra die informatie voor waar heeft aangenomen.

Endstra geeft vrijwel nooit aan wat zijn redenenen van wetenschap zijn en al zeker niet daar waar hij de hier boven aangehaalde onliners over Soerel op de achterbank loslaat.

Meijering: Er zijn echter redenen aan te nemen dat minimaal één bron -of mischien wel de enige bron- die hem onjuist omtrent cliënt heeft geïnformeerd is terug te voeren op Holleeder.

Lees hier het gedeelte uit het betoog van de verdediging waar men spreekt over ‘naamsmisbruik’ van de naam van Soerel door Willem Holleeder.

IV – Tot slot.
Tot slot nog een extra niet onbelangrijke reden voor toevoeging van het Kolbakdossier. Niet vergeten mag worden dat het Kolbak-onderzoek al enige tijd aan de gang was (sedert 2004 n.a.v. de geweldadige dood van Endstra)toen het “klapte” met de arrestatie van Willem Holleeder eind januari 2006. Een en ander impliceert dat het Kolbak-onderzoek volop aan de gang was ten tijde van de meest belangrijke periode als het gaat om de meest ernstige feiten waarvan cliënt verdacht wordt. Ik doel op de periode medio oktober 2005 waarin volgens de beschuldigingen van La Serpe de opdrachten tot het vermoorden van Houtman en Van der Bijl zouden zijn uitgezet.

Tot hier de samenvatting van een opmerkelijk gedeelte uit het betoog van Mr. Nico Meijering. Hier volgt nog een opsomming van de rest van de onderzoekswensen van de verdediging van Soerel. Wat opviel was dat na élk punt dit zelfde zinnetje volgde: “Volgens het voorgeleidingsdossier beschikt het OM over (een) dergelijke verklaring(en), de verdediging beschikt daar niet over en verzoekt daarom toevoeging”

2-
Verklaringen afgelegd door John Mieremet.

3(a)- De bevindingen waaruit zou blijken dat sprake is geweest van frequent telefoonverkeer tussen Holleeder en Soerel.
(b)- Verklaring Ad van H.
(c)- Verklaring Nico H.
(d)- Verklaring getuige C.

4 (a)- De verklaring(en) van Alex de Boer waaruit zou blijken dat de opdracht tot liquidatie van Thomas van der Bijl gegeven werd door ‘de commissaris’
(b)- De verklaring(en) van De Boer waaruit zou blijken dat hij financieel beloond zou zijn door cliënt voor de moord op Van der Bijl.

5(a)- De verklaring(en) van Habes waaruit zou blijken dat Ros gesproken zou hebben over een man die hij aanduidde met ‘de commissaris’ die de grootste crimineel van Nederland zou zijn.
(b)- De verklaringen van Habes waaruit zou blijken dat hij gesproken heeft over het vermeende feit dat de opdracht om Van der Bijl te vermoorden afkomstig was van ‘de commissaris’.

6 – De verklaringen van Stanley Kay Esser waaraan gerefereerd wordt in het Passagedossier.

7 – De verklaring(en) van Atilla Önder waaruit zou blijken dat hij navraag had gedaan en had gehoord dat Soerel en Holleeder mensen afpersten en levensgevaarlijk waren.

8 – De verklaring(en) van Atilla Önder waaruit zou blijken dat hij Bolle Richard heeft opgezocht en gezegd heeft dat hij Holleeder en Soerel niet in zijn zaak wilde hebben en wilde worden afgeperst.

9 – De verklaring(en) van Atilla Önder waaruit zou blijken dat hij verklaard heeft dat hij Soerel een aantal keren heeft ontmoet en dat Kees Houtman tegen hem vertelde dat het groepje van Dino en Holeeder hem hebben afgeperst.

10 – De verklaring(en) van H., althans betreffende onderzoek dat gedaan is naar de verklaringen van La Serpe dat in de oude Baja opdracht zou zijn gegeven om -naast Houtman en Van der Bijl- H. te liquideren.

11 – De verklaring(en) van Thomas van der Bijl waaruit zou blijkeb dat tijdens een ontmoeting in de Baja Beach Club de opdracht (door onder meer Akgün en Soerel) is gegeven om Van der Bijl, Önder en Houtman te vermoorden.

12 – De verklaring(en)en/of (achterbank)gesprekken waaruit zou blijken dat Endstra spreekt over de Baja Beach Club in Rotterdam.

13 – De verklaring(en)en/of (achterbank)gesprekken waaruit zou blijken dat Endstra stelt dat cliënt in Suriname contacten had met Bouterse en dat Bouterse facilitair zou zijn aan de handel in soft- en harddrugs.

14 – De processen-verbaal (van tapgesprekken) waaruit zou blijken dat Soerel en Akgün met elkaar semafoneerden.

15 – Een overzicht van de periodes waarin cliënt gedetineerd heeft
gezeten.

16 – Een overzicht (zo daar enig onderzoek naar gedaan is) van reisbewegingen van cliënt.

17 – De reeds vele malen (inzake Akgün) door het OM toegezegde bevindingen betreffende (al dan niet) observatie op de Baja Beach Club.

18 – De complete OVC-gesprekken (opname vertrouwelijke communicatie)die Mink Kok heeft gevoerd met derden (w.o Linda van S. en Ed M.)

19 – De verbatim uitgewerkte verklaring van Joop G. van der Bijl.

20 – Een aantal niet ingebrachte bevindingen inzake Bethlehem.

21 – Telefoongesprek 00049 tussen een vrouw en de vriendin van Alex de Boer, Esmeralda S.

Getuigen die de verdediging van Dino Soerel wil horen:
a/ Dhr. Willem Frederik Holleeder.
b/ Dhr. Abraham Moszkowicz.
c/ en d/ De heren Ronald Essen en Ton van Dalen.
e/ Dhr. Mink Kok.
f/, g/ en h/ De heren Arjen Kaale jr., Willem Frederik L. en Aliekber Akgün.
i/ Mevr. Esther Tamara S.
j/ Mevr. Orminda Soerel.
k/ De verbalisanten die meer in het bijzonder op de hoogte zijn van het BED/Baja-onderzoek.
l/ Anonieme getuige C (die in het Kolbak-onderzoek is opgevoerd)
m/ Dhr. Joop G. van der Bijl.
n/ Dhr. Stanley Kay Esser.
o/ en p/ Dick Vrij en Hans Nijman.

Tot slot een aanvullend en voorwaardelijk verzoek tot het horen van verbalisanten T049 en T085. Dit gaat over stukken die niet zijn aangetroffen, maar er wel zouden moeten zijn. Het gaat om 10 stukken waar de verdediging eerder om heeft gevraagd. Als de stukken niet bestaan, moet het er voor gehouden worden dat de opstellers van het verbaal, naar de verdediging meent T049 en T085, in het verbaal onjuiste informatie hebben verstrekt. Dat zou ernstig zijn. In dat geval wenst de verdediging deze getuigen te horen over de reden/oorzaak van het onjuist relateren van de voor Soerel belastende feiten. Mogelijk dat de verdediging hierop een verweer ex art. 348 jo 359a Wsv. wenst te bouwen.

Bondtehond sprak vanochtend in een telefoongesprek tijdens een korte onderbreking van de zitting oud-advocaat van Willem Holleeder, Mr. Jan Hein Kuijpers. De huidige raadsman van Moppie Rasnabe wees mij erop dat hij me een aantal maanden geleden voorspelde dat indien de Endstra-tapes zouden worden toegevoegd aan het liquidatieproces als bewijsmiddel tegen Dino Soerel, en dat zat er dik in aldus Kuijpers destijds, dan zou de vertraging nog wel eens groter kunnen gaan worden dan de 7 maanden voorbereidingstijd die de verdediging van Dino Soerel op 19 oktober is toegewezen. Dit met name omdat het hele Kolbak-dossier dan waarschijnlijk zal moeten worden toegevoegd aan Passage, aldus Kuijpers. Wellicht wordt Kolbak dan nog eens dunnetjes overgedaan. Krijgt hij gelijk? Het ziet er vooralsnog wel naar uit.

Op 15 Maart gaat het proces in ieder geval verder en reageert het openbaar ministerie op de onderzoekswensen van de verdediging. Alle verdachten zullen die dag aanwezig zijn.

Bondtehond bij het Liquidatieproces

Dit bericht werd geplaatst in Liquidatie proces en getagged met , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s