Mr. Betty Wind: ‘Ja, en de Staat is gekke Henkie’

Het openbaar ministerie reageerde dinsdag op de stellingen uit de verklaring van Peter La Serpe en de daarop volgende verzoeken die de kroongetuige voorlegde aan de rechtbank. Officier van justitie Mr. Betty Wind maakte het standpunt van het openbaar ministerie duidelijk middels een voorgelezen verklaring. Verder kwamen tijdens het betoog van Mr. Wind aan de orde twee processen-verbaal, een van Mrs. Ton Maan, Sander de Haas en Marjolein Verwiel samen en een van Mr. Sander de Haas alleen. Daarover straks.

 

Duidelijk wordt dat het zaaks-OM intussen ook helemaal klaar is met de wijze waarop La Serpe het Passageproces keer op keer frustreert en daardoor enorm wist te vertragen. Als La Serpe niet uitkijkt en doorgaat zich telkens opnieuw op glad ijs te begeven, zou het maar zo een keer kunnen gebeuren dat La Serpe binnenkort aan het kortste eind trekt en dat een overeenkomst voorgoed van de baan is. Dan is een som van 1,4 miljoen sowieso niet meer aan de orde en aangezien de kroongetuige zich niet aan de deal heeft gehouden, voelt het OM zich ook niet meer geroepen zijn deel van de deal na te komen. De toegezegde, gehalveerde strafeis dreigt La Serpe aan z’n neus voorbij te gaan. Liever gezegd: Het OM dreigt La Serpe met het verlies van zijn gehalveerde strafeis. La Serpe speelt dus met vuur.

Ovj Mr. Betty Wind: Edelachtbaar College,
Het is vandaag 10 april 2012, de datum waarop wij zouden beginnen met ons requisitoir. Hoe graag hadden we het vandaag als gepland willen hebben over waar het in dit proces werkelijk om draait, de liquidaties en de betrokkenheid daarbij van 11 verdachten. Hoeveel tijd is er al niet gespendeerd aan onderwerpen die feitelijk geheel los van die zaken en die verdenkingen staan. En opnieuw gooit La Serpe roet in het eten van de voortgand. En hóe?

Voordat ik daar nader op inga, wil ik het volgende onder uw aandacht brengen. Als zaaks-OM betreuren wij het diep dat er nog altijd geen overeenstemming is bereikt tussen La Serpe en de Staat over de te treffen beschermingsmaatregelen en dat La Serpe opnieuw de strafzaak als podium voor zijn conflicten kiest. Eerder heeft u zich wel eens hardop afgevraagd waarom ze het bij TGB niet gewoon regelen met La Serpe. Wij kunnen ons voorstellen dat die vraag ook nu bij u is opgekomen. Ik moet u bekennen dat wij er als zaaks-OM aanvankelijk óók zo tegenaan keken en óók die vraag hebben gesteld.

Maar gaandeweg zijn wij tot het inzicht gekomen dat het niet zo eenvoudig ligt. De portefeuille van de TGB-officier is één van de moeilijkste portefeuilles binnen het OM. De strakke kaders en wettelijke uitgangspunten die de staat móet hanteren botsen bijna per definitie met de verwachtingen en de wensen van getuigen die op beschermingsmaatregelen zijn aangewezen. En dat leidt soms tot botsingen, waarbij de opstelling van de Staat soms door getuigen als rigide wordt ervaren. Tegelijkertijd is ons ook duidelijk geworden dat La Serpe zich in contacten en besprekingen bepaald niet makkelijk en meewerkend heeft opgesteld.

In de loop van ons betoog zal u duidelijk worden waar de twistpunten tussen La Serpe en TGB lagen en liggen en zal u duidelijk worden dat La Serpe eisen stelt die onmogelijk en ontoelaatbaar zijn en waaraan de Staat niet kán en niet wil tegemoetkomen. Daarmee zal ook duidelijk worden waarom er nog altijd geen overeenstemming is bereikt en dat, indien La Serpe niet bereid is concessies te doen, ook nooit overeenstemming zal worden bereikt.

Opnieuw heeft La Serpe er nu in strijd met zijn geheimhoudingsverplichtingen voor gekozen het thema aan te voeren in de strafzaak en hij speelt het op scherp. Daarmee overigens riskerend dat de overeenkomst met TGB wellicht voorgoed van de baan is.

Zijn aantijgingen, onderbouwd met stellingen die deels apert onjuist en voor het overige ongenuanceerd gekleurd zijn, worden ervaren als een ultieme poging zijn zin op gebied van getuigenbescherming door te duwen en als een messteek in de rug. La Serpe meent kennelijk dat hij door deze manier van optreden, waarbij hij medewerkers van TGB Mrs. Verwiel, De Haas en Maan en zaaks-OM, die zich allen voor zijn belangen hebben ingezet, van vreselijke dingen beschuldigt, bij de rechtbank zijn zin kan krijgen om vervolgens weer vrolijk alle medewerking te krijgen van TGB, het College en het zaaks-OM.

La Serpe spreekt in termen van dwang, afpersing, bedreiging en gijzeling. Ik heb al eerder opgemerkt dat waar La Serpe op doelt feitelijk niets anders inhoudt dan dat hij wordt gewezen op de mogelijke consequenties van zijn eigen gedragingen. En als er iemand op een dwingende toer is, is het wel La Serpe zelf. Opnieuw probeert hij de rechtbank en het strafproces als breekijzer in te zeten om zijn zin te krijgen op TGB-gebied. En dat breekijzer, om in die terminologie te blijven, zou dan zodanig verwoestend werk moeten verrichten dat de hele strafzaak daar aan ten onder zal gaan. Daarbij laat hij ook niet na de rechtbank ervan te betichten hem op ongeoorloofde wijze onder druk te hebben gezet. Dit terwijl ook de rechtbank niets anders heeft gedaan dan La Serpe wijzen op de realiteit: de eerdere tussenbeslissing en de fase waarin het proces verkeerde.

La Serpe denkt mischien dat hij alles bij elkaar genomen een verhaal en een punt heeft, maar feitelijk blijft er niets over en is er geen enkele aanleiding tot nader onderzoek waarom hij vraagt. Feitelijk is dit hele incident zonde van de tijd die het heeft gekost. Een bijkomend effect is dat, omdat nu werkelijk de integriteit van de opsporing door toedoen van La Serpe in het geding is, de collega’s betrokken bij de getuigenbescherming en het College zich genoodzaakt hebben gezien meer openheid te geven over de afspraken met La Serpe die de staat voor ogen stonden. Daarover zo meer. Ik gebruik niet zomaar de verleden tijd, omdat het nog maar de vraag is of het ooit nog tot wederzijdse instemming over een beschermingsprogramma zal kunnen komen.

La Serpe speelt het dus op scherp. En dit alles in plaats van te doen waartoe hij zich in de OM-deal heeft verbonden: verklaren over de liquidaties en verdachten, waar de deal op ziet, zo vaak en zo lang nodig is. La Serpe heeft immers, zoals hij dat noemt, zijn verklaringen weer eens opgeschort. En dat op een moment dat de vragenrondes op een haar na zijn afgerond. Alle raadslieden hebben hun vragen gesteld, zelfs Mr. Meijering had geen vragen meer, maar Soerel heeft aangegeven nog wel een paar vragen te hebben en ook het OM heeft er naar aanleiding van recente ontwikkelingen nog één. Dat brengt mij tot het volgende.

Tot zover de inleiding van het betoog van Mr. Wind. De officier gaat in haar betoog o.a. in op de stellingen die La Serpe op 29 Maart. Het gaat te ver om alle reacties op deze stellingen apart te omschrijven, wel zal ik de twee eerdergenoemde en bij het voorgedragen betoog van Mr.Wind gevoegde processen-verbaal inscannen en hier publiceren. Het OM was zo vriendelijk exemplaren beschikbaar te stellen voor de aanwezige media.

De toegezegde strafeis
Mr. Wind stelt in dit hoofdstuk dat La Serpe er ernstig rekening mee moet houden dat hij niet op 1 juni, zoals hij meldde in zijn verklaring van 29 maart, op vrije voeten zal worden gesteld omdat dan zijn VI-datum zou zijn. ‘VI-datum’is volgens de officier in dit verband een onjuiste term en het zou gaan om een mogelijk art 67a lid 3 moment. Het betreft het moment waarop La Serpe zijn netto straf zou hebben uitgezeten indien de in de OM-deal toegezegde 8 jaar gevangenisstraf als uitgangspunt zou worden genomen. Maar, zo zegt Mr.Wind, die deal is een afspraak tussen twee partijen, waarbij partijen over en weer verplichtingen op zich hebben genomen. La Serpe houdt zich op dit moment, nu hij zijn verklaringen heeft ‘opgeschort’, opnieuw niet aan zijn deel van de overeenkomst en doet dat naar het oordeel van het OM zonder legitieme grond.

Mr. Wind: Wij stellen ons op het standpunt dat La Serpe ten onrechte meent zich niet aan zijn verplichtingen tot verklaren te hoeven houden en stellen vast dat hij daarmee in overtreding is. Vermeld moet worden dat La Serpe jarenlang, op een aantal momenten waarop hij ook stelde onenigheid met TGB te hebben na, zijn medwerking heeft verleend door duizenden vragen te beantwoorden. Maar nu ‘as we speak’ zich ten onrechte niet houdt aan zijn deel van de OM-deal, moet hij er ernstig rekening mee houden dat het zaaks-OM hem niet actief op 1 juni op vrije voeten zal stellen of een opheffingsverzoek aan de rechtbank van hemzelf zal ondersteunen. Er kan dan immers alle reden zijn om niet de (volledige) toegezegde strafkorting als uitgangspunt te nemen. Het OM blijft zichzelf graag serieus nemen en acht zich aan deze toezegging slechts gebonden indien en voor zover La serpe zich houdt aan zijn deel van de afspraak.

Één vraag die ik (mezelf) stelde in dit verslag wordt hier vervolgens beantwoord door Mr. Wind.
Quote: ‘Persoonlijk lijkt het mij sterk, in het geval er in eerste aanleg daadwerkelijk veroordelingen uit zouden komen na bijna 4 jaar liquidatieproces, dat er geen Hoger beroep ingesteld zou worden door de mogelijke veroordeelden en hun verdediging. En hoe zit het dán met de kroongetuige? Is een kroongetuige wederom nodig in Hoger beroep?’

Mr. Wind: En áls La Serpe al voor het vonnis van de rechtbank op vrije voeten zou worden gesteld, zal hij zich niettemin beschikbaar moeten houden voor het afleggen van verklaringen. Er is al uitzonderlijk veel van hem gevraagd, mischien, hoewel wij nooit de indruk hebben gekregen dat hij met tegenzin getuigde, wel onmenselijk veel. Maar hij zal zich niettemin ook in de fase van Hoger beroep moeten houden aan de verplichtingen die hij in de OM-deal is aangegaan, wil hij bereiken dat hij de toegezegde strafkorting ook in die fase verdiend. We moeten er rekening mee houden dat het Hof La Serpe tenminste één keer zelf in de ogen zal willen kijken en hem als getuige zal willen horen. Dat zal, indien hij op vrije voeten is, wat voeten in aarde hebben en voor hemzelf in die fase niet makkelijk zijn, maar dat zij zo. Dat dit proces zoveel vertraging heeft opgelopen en dus zelfs op dat mogelijke 67a lid 3-moment nog niet is afgerond, is beslist niet alleen, maar wel mede en zelfs in aanzienelijke mate te wijten aan de opstelling van La Serpe.

De stellingen van La Serpe
Uitgebreid gaat het OM in op de stellingen van La Serpe. Maar eerst stelt men zich de vraag: Waarom nu? De 27 A4-tjes.

De vraag die volgens het OM aandient, is waarom La Serpe pas op zo’n laat moment, op de zittingsdag die de laatste voor het requisitoir zou zijn, met de stellingen komt. Mrs. De Haas en Verwiel zeggen dat nagenoeg alle geuitte beschuldigingen ook al voorkwamen in de 27 A4-tjes die La Serpe in oktober vorig jaar had willen inbrengen. Ook toen zou er sprake zijn van dwang, afpersing en bedreigingen door De Haas, die hem zou hebben verboden het stuk in te brengen. In plaats van de 27A4-tjes kwam La Serpe met zijn reeks ‘herinneringen’.

Mr. Wind: Van een verbod op het voorlezen van zijn verklaring of van bedreiging is volgens het OM geen sprake geweest. La Serpe is wel gewezen op mogelijke consequenties en nadat La Serpe kennelijk doelbewust de integriteit van de opsporing in diskrediet wilde brengen, heeft men hem meermalen voorgehouden dat er slechts constructief vervolgoverleg over de invulling van de zorgplicht door de overheid kan plaatsvinden indien er enige vertrouwensbasis tussen partijen is. Een dergelijke vertrouwensbasis komt te ontvallen indien La Serpe er toe overgaat (in de strafzaak) valselijke beschuldigingen te uiten aan het adres van het OM en daarmee doelbewust de integriteit van de opsporing/het OM in diskrediet brengt. Overigens heeft Mr. Marjolein Verwiel La Serpe slechts verboden 2 onderdelen uit de 27 A4-tjes niet in te brengen, tezamen slechts 1 A4-tje. Toch koos La Serpe ervoor dit stuk in het geheel niet in te brengen.

La Serpe heeft gezegd dat hij zijn betoog niet kon houden op het moment dat de rechtbank daarop aandrong, begin maart van dit jaar, omdat zijn aanverwant op het punt stond civiel te gaan procederen. Maar wij zien niet waarom specifie dát een beletsel zou moeten zijn voor het voeren van zijn betoog. Uit deze opstelling kan niet anders dan worden geconcludeerd dat La Serpe opnieuw de strafzaak als breekijzer wil gebruiken op het moment dat andere kanalen hem niet brengen wat hij wil.

La Serpe heeft er dus onnodig en doelbewust voor gekozen pas op 29 maart met zijn beschuldigingen en verzoeken te komen. Dat maakt dat die verzoeken, zo er al enige grond voor toewijzing zou kunnen zijn, ten volle moeten worden beoordeeld op basis van het door de rechtbank aangelegde strenge toetsingskader.

Mr. Betty Wind: In reactie op het betoog van La Serpe hebben Mrs. Ton Maan, Sander de Haas en Marjolein Verwiel een proces-verbaal opgemaakt. TGB en het College voelen zich genoodzaakt te reageren op de aantijgingen van La Serpe omdat door zijn toedoen de integriteit van opsporing in het algemeen en van het middel van getuigenbescherming in het bijzonder in het geding is. In dit op 6 april opgemaakte PV wordt ingegaan op de met La Serpe gevoerde besprekingen, door La Serpe gestelde eisen en voorwaarden waaraan de Staat vasthoudt en de twistpunten tussen La Serpe en de Staat. In dit PV wordt tevens ingegaan op de NOS-berichtgeving rondom de 1,4 miljoen euro.

Proces verbaal Mrs. Maan, De Haas en Verwiel

Mr. Sander de Haas reageert op enkele stellingen van La Serpe waarbij De Haas een rol zou hebben gespeeld, o.a. de beschuldiging waarbij De Haas kroongetuige La Serpe een half jaar gratie zou hebben geboden in ruil voor de Holleeder-verklaringen.

Proces verbaal officier van justitie Mr. Sander de Haas.

Mr. Betty Wind: Conclusie: Zoals aan het begin van mijn betoog al verwoord: La Serpe dacht alles bij elkaar mischien een verhaal en een punt te hebben, maar feitelijk blijft er van al zijn stellingen niets over. Een situatie als geschetst in het criterium dat door de rechtbank in april 2010 is geformuleerd, is niet aan de orde. Er is dan ook geen enkele grond de verzoeken tot nader onderzoeken te honoreren. En zo dat al anders zou zijn, halen deze verzoeken van La Serpe, die onnodig pas op een zo laat moment zijn gedaan, niet de lat van het strenge toetsingscriterium dat de rechtbank sinds kort bij alle verzoeken hanteert.

Aan het slot van zijn betoog heeft La Serpe nog gesteld dat alles wat hij had aangevoerd aanleiding zou moeten vormen voor nader onderzoek naar de door TGB opgenomen gesprekken die hij met zijn raadslieden heeft gevoerd. Maar nu er van alles wat hij heeft aangevoerd niets overblijft en hij op dit punt ook geen nader onderbouwing heeft gegeven, moet ook dit verzoek, dat al door de rechtbank memotiveerd is afgewezen, ook nu weer worden afgewezen.

Tot zover de samenvatting van het betoog van Mr. Betty Wind. Natuurlijk ging de officier van justitie van het zaaks-OM veel gedetailleerder in op de stellingen, de beschuldigingen en de zogenoemde ‘breekijzers’ van La Serpe, maar de boodschap is mijns inziens in deze samenvatting wel redelijk duidelijk geworden. Het OM ontkent alle aantijgingen en heeft La Serpe nog niet laten vallen, maar hij speelt wel met vuur.

Wat vaste procesbezoekers niet helemaal duidelijk is geworden, vernam ik een paar keer in de wachtkamer, hoe het OM die tegenstelling dan ziet tussen aan de ene kant een kroongetuige die nog immer als zeer geloofwaardig wordt gezien en aan de andere kant die opstandige kroongetuige die met allerlei ‘valse beschuldigingen’ komt waarvan het OM nu zegt dat La Serpe daarmee de waarheid wel erg veel geweld aan doet? Dat die tegengestelde richtingen totaal onduidelijk blijven bij veel mensen staat dus als een paal boven water.

NOS (Robert Bas) noemt het ‘Een soort pokerspel tussen het OM en La Serpe’

De verdediging, met name Mrs. Nico Meijering en Sander Janssen, kwam met een fors aantal vragen aan het adres van La Serpe. Daarover later meer. De rechtbank gaat er intussen over beraden en besloot maandag met de vraagstelling van de verdediging mbt La Serpe verder te gaan.

Mr. Nico Meijering merkte naar aanleiding van het artikel ‘Noodbrief Remko van Lent’ dat verscheen in Vrij Nederland  op dat er gezegd zou zijn dat niet Willem Holleeder en Dino Soerel, maar iemand anders achter bepaalde liquidaties zouden zitten. Dat lijkt nogal ontlastend.

Mr. Meijering: Het OM zegt: ‘Het past niet in ons beeld’. Ja, dat zegt het OM aldoor, ‘dat het niet in het beeld past’, maar dat wil ik graag zelf vaststellen.

De raadsman van Dino Soerel mag/gaat de stukken nu zelf inzien.

*

Iets wat ik persoonlijk nogal opmerkelijk vond tijdens de zitting van dinsdag was een moment waarop Betty Wind vragen beantwoordde over de hoogte van het inkomen van La Serpe in zijn beschermingsprogramma. Of de inkomsten uit het bedrijf dat La Serpe zal gaan opzetten (volgens de overeenkomst op hoofdlijnen) nog worden afgetrokken van het bedrag wat La Serpe is toegezegd, dus de 800.000 in 10 jaar als garantie-inkomen? Dit was overigens op aangeven van Mr. Meijering, aan de jongste rechter.
La Serpe voelde kennelijk nattigheid en voelde zich ook geroepen daar op te reageren.
La Serpe: Ik genereer sowieso geen inkomsten als ik een uitkering heb.
Rechter: Maar u zou een eigen bedrijf gaan kopen…
La Serpe: Maar ik bepaal mijn eigen winst.
Rechter: Wat zegt u?
La Serpe: Ik bepaal mijn eigen winst in dat bedrijf. Ik kan mezelf wel of niet een loon doen toekomen, afhankelijk van wat voor soort bedrijf. Bij een BV is het natuurlijk anders, dan is het verplicht, maar als je een eh..eh…
Rechter: Aah, dat is een kwestie van creatief boekhouden, waarbij je een negatief inkomen genereert zodat je op die manier een uitkering van de Staat krijgt…
La Serpe: Nee, ik heb geen inkomen nodig!
Mr. Betty Wind: Ja, en de staat is gekke Henkie. Die laat zich voor de gek houden…jaha…
La serpe: De staat is het overeengekomen….(stilte)
Lauwaars sloot de discussie hierop af en besloot de vraag maar even te laten voor wat ie was en er op een later moment op terug te komen, maar op de tribune werd intussen hier en daar wat gelachen of er klonken geluiden van verbazing.

La Serpe spreekt hier natuurlijk ook behoorlijk tegen hetgeen het zaaks- en TGB-OM steeds beweren. Het bedrag is niet om lekker aan de rand van het zwembad te luieren in de zon, maar echt bedoeld om een eigen inkomen te generen door middel van het opzetten van een eigen bedrijf. Anders zou die 8 ton natuurlijk verdacht veel weg hebben van een vrij te besteden bedrag zonder verdere verplichtingen. Toch een soort van schenking in ruil voor verklaringen? En dat mag niet had iedereen begepen.  Het laatste woord zal er ongetwijfeld nog niet over gesproken zijn….

Donderdag eerst de beslissing inzake het opheffingsverzoek van Dino Soerel. Maandag verder met de problematiek rondom La Serpe.

Bondtehond bij het liquidatieproces 

Dit bericht werd geplaatst in Liquidatie proces en getagged met , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s