Hof gijzelt Passage-getuige Lesley Verkaart

In het Justitieel Complex te Schiphol (JCS) zouden maandag de getuigenverhoren plaatsvinden van Lesley Verkaart in deeldossier ‘Cobra’ en Estrella Verbaan jr., de zus van de overleden verdachte Raymond Verbaan, in deeldossier ‘Tanta’. Tijdens een eerdere zitting had ik begrepen dat de moeder van Raymond vandaag gehoord zou worden, net als in september 2009 in de Bunker te Osdorp, maar het betrof nu dus Estrella Verbaan jr, haar dochter met dezelfde naam. Estrella jr. werd bijgestaan door Mr. Jon Mul, de raadsman die eerder ook Moppie Rasnabe bijstond in deeldossier ‘Indiana’. Beide verhoren liepen echter anders dan gepland.

Lesley Verkaart is in gijzeling genomen voor maximaal 30 dagen. Hij was ’s morgens als eerste aan de beurt, toen ik helaas nog niet in de zittingszaal was. Ik hoorde dat Verkaart het Hof te kennen had gegeven dat hij een nek-hernia heeft, dat hij vooral erg veel pijn heeft en zich mede daardoor niet in staat voelde te kunnen getuigen en al dan niet zich kennelijk ook niets meer kon herinneren. Het Hof vond dat ongeloofwaardig en ondanks papieren van een dokter die Verkaart bij zich had, als bewijs dat hij die nek-hernia reeds 6 jaar heeft, werd Verkaart ’s morgens in gijzeling genomen en afgevoerd naar het cellencomplex van het JCS om een aantal uren zijn geheugen op te frissen. Na het verhoor van Estrella Verbaan jr. kreeg Verkaart een herkansing en deed het Hof een laatste poging Verkaart aan zijn verplichting te houden om te moeten verklaren, maar dat bleek tevergeefs.

Het Hof ging daarop even in beraad. De voorzitter van het Hof Mr. Ruud Veldhuisen gaf kort na de hervatting van de zitting de beslissing die het Hof had genomen:

Mr. Veldhuisen: Noch het briefje van uw huisarts, noch in verband met al die andere stukken die u heeft overlegd, kan het Hof een bevestiging krijgen dat het anders is dan onze indruk is, namelijk dat u niet wilt meewerken aan het verhoor. En dat betekent dat de gijzeling voor maximaal 30 dagen die bevolen is gewoon voortduurt. Op 10 april zult u weer in deze zaal worden geleid en dan zullen we zien hoe de vlag er dan voorhangt. De gijzeling strekt ertoe om het nakomen van uw verplichting af te dwingen.
Lesley Verkaart: Dat had ik al begrepen.
Mr. Veldhuisen: Ja, maar ik zeg het nog een keer hardop, zodat u weet wat we beogen met die gijzeling.

Donderdag moet/mag Verkaart dus weer komen voor een nieuwe poging hem te laten getuigen over hetgeen hij eerder, onder meer nog in 2007, heeft verklaard over een dag in 1993 dat hij Jesse Remmers naar België zou hebben gereden als diens chauffeur. De verklaring van Lesley Verkaart van destijds wordt door het OM als belangrijke verklaring gezien. Lesley Verkaart verklaarde onder meer samen met Jesse Remmers naar Antwerpen te zijn gereden en daar zou hij Jesse later ook weer ergens hebben opgehaald. Onderweg naar Den Haag zouden ze zijn gestopt en zou Jesse hebben gebeld met een autotelefoon. Daarna zouden ze zijn doorgereden naar het Hilton in Den Haag. Daar zou Jesse volgens Verkaart een half uurtje binnen zijn geweest terwijl hij buiten in de auto op Jesse zou hebben gewacht.

Meteen na de mededeling werd Verkaart dus wederom afgevoerd naar z’n cel.

Met Estrella Verbaan jr. (45) verliep het getuigenverhoor ook al niet zo soepel. De advocaat van Verbaan, Mr. Jon Mul, gaf vlak voor het verhoor door het Hof begon eerst wat informatie over de fysieke toestand van zijn cliënt. De raadsman gaf aan dat zijn cliënt ziek zou zijn en dat ze nogal was afgetakeld. Estrella Verbaan jr. zegt zelf dat ze lijdt aan bloedarmoede. ‘Ja, dat heb ik ook’, merkte Estrella op. ‘Ja, dat heeft ze ook’, zegt ze, ‘maar daar willen we het ook graag bij houden’, merkte de raadsman op. Een en ander zou van invloed zijn op haar geheugen en dat bleek ook wel tijdens het verhoor.

Ten tweede gaf Mr. Jon Mul aan dat hij vroeger ook de advocaat is geweest van Moppie Rasnabe en dat hij weet dat Malika Nassri dingen heeft verklaard in de zaak Indiana die haaks staan op de verklaring van zijn cliënt Verbaan jr.. Dat houdt dus in, dat indien het Hof die verklaring zou geloven, dat de verklaring van zijn cliënt als meinedig zou kunnen worden gezien. En er zou een OVC-gesprek (Opname Vertrouwelijke Communicatie) in het dossier zijn gevoegd tussen Moppie Rasnabe en zijn broer Youssef waarin gesuggereerd zou zijn dat er betaald zou zijn aan zijn cliënt om te zwijgen. Dus dat zijn situaties waar het Hof mee te maken heeft en waarbij hij zijn cliënt dus als raadsman zou bijstaan maandagmiddag. Het Hof vond de toelichting duidelijk genoeg en besloot verder af te zien van een toelichting achter gesloten deuren over de fysieke toestand van Verbaan.

Na de belofte door Estrella Verbaan jr. naar waarheid te zullen antwoorden, had het OM een verzoek. De advocaten-generaal Mrs. Posthumus en De Jong van het OM zijn van mening dat gezien de ratio van artikelen in het Wetboek van Strafrecht in de zaak Tanta getuige Estrella Verbaan, die tevens de zus is van de reeds overleden verdachte Raymond Verbaan, wel verschoningsrecht moest toekomen. Het OM verzocht het Hof daar een standpunt over in te nemen. De verdediging van Jesse Remmers, Moppie Rasnabe en Siegfried Saez verzetten zich daartegen. Mr. Robert Malewicz was van mening dat nu Raymond Verbaan is komen te overlijden, dat hij nooit meer strafrechtelijk vervolgd kan worden, dus vond hij dat in dit geval het verschoningsrecht kon komen te vervallen.

Het Hof ging even in beraad en besloot dat het verschoningsrecht zowel in geval van Raymond als de moeder van Raymond en Estrella jr. in stand moest blijven. Samengevat: ‘Zowel het belang van de waarheidsvinding alswel het gegeven dat Raymond medeverdachte is en schuldig bevonden kan worden, doet niets af aan het verschoningsrecht. De bloedverwantschap eindigt niet omdat de bloedverwant is overleden, dat houdt in dat op basis van art. 217 Sv. algemeen verschoningsrecht aan de getuige toekomt. En op basis van art. 219 Sv. ook voor wat betreft de moeder’, aldus de voorzitter van het Hof.

Hierna gaf het Hof raadsman de heer Mul even de gelegenheid de omvang van het verschoningsrecht uit te leggen aan zijn cliënt. Hierna merkte Mr. Mul op navraag van het Hof op: ‘dat het opnamevermogen van mijn cliënt nogal beperkt is’.

Vervolgens begon het Hof met het getuigenverhoor. Al snel bleek dat getuige Estrella Verbaan zich op enkele vragen na niets kon herinneren van de gebeurtenissen in 1993 betreffende de zaak Tanta, oftewel de moord op de twee Joegoslaven Djordje Ilic en Salim Hadziselimovic, die in 1993 een tijdje bij de familie Verbaan inwoonden.

Voorzitter: Mijn collega zal u een aantal vragen stellen.
Raadsheer: Ja, mevrouw Verbaan, u weet waar het vandaag over gaat? Waar de vragen over zullen worden gesteld? Ja? U wordt o.a. bevraagd in de zaak van de heer Remmers, die daar zit. Kent u hem?
Verbaan jr: Ja, van vroeger. Jaren geleden.
Raadsheer: En meneer Rasnabe, die kent u ook hè?
Verbaan jr: Ja.
Raadsheer: En meneer Saez. Kent u die naam? Nee? In eerste instantie wordt u gehoord in een zaak die verband houdt met de dood van twee Joegoslavische jongens. Dat is al lang geleden geweest, in 1993, weet u dat nog?
Verbaan jr: Nou, ik zal u zeggen. Ik eh, nou eh, die ziekte met dat bloed eh, ik weet eh… wat mijn advocaat net heeft verteld, weet ik al niet meer.
Raadsheer: Dat weet u al niet meer…
Verbaan jr: Dus dat is eh.. echt rot, ik weet het niet meer… Dus dat kan hij antwoorden.
Raadsheer: Nou dat kan niet, want hij is daar waarschijnlijk niet bij geweest, bij al die dingen waarover ik u vragen wil stellen. Maar kunt u, laat ik maar met wat algemene vragen beginnen, kunt u zich die Joegoslavische jongens nog herinneren?
Verbaan jr: Ja.
Raadsheer: Ja? Wat kunt u daar over vertellen, over die jongens?
Verbaan jr: Ja, ze waren een tijdje bij Raymond in huis.
Raadsheer: Ik welk huis was dat?
Verbaan jr: Oh en ja, dat was op 64.
Raadsheer: Op nummer 64, ja. Daar heeft u ook gewoond hè?
Verbaan jr: Ja, maar ik was meer bij mijn moeder, want mijn vader was ziek.
Raadsheer: Dus u was meer bij uw moeder? Dat was verderop in de straat hè?
Verbaan jr: Ja.
Raadsheer: En die jongens, heb je die vaak gezien in die periode?
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: Weet u nog wanneer dat was, kunt u er nog een jaartal aan koppelen?
Verbaan jr: Eh nee. Dat weet ik ook niet meer. Enne, ik lieg er niet om, maar ik weet het gewoon niet.
Raadsheer: U weet het niet meer. Ehm, weet u nog dat die jongens op een gegeven moment vedwenen waren?
Verbaan jr: Ja.
Raadsheer: Ja? Wat kunt u daarover vertellen? Hoe ging dat?
Verbaan jr: Dat is al heel lang geleden. Nee, ik weet het niet. Ik zet wel heel hard na te denken.
Raadsheer: Het is wel zo natuurlijk dat die zaak, die verdwijning van die jongens, dat heeft ook in uw omgeving natuurlijk veel gevolgen gehad hè? U bent zelf destijds verdachte geweest ook, Uw broer is verdacht. Moppie Rasnabe. Dat was uw vriend destijds hè?
Verbaan jr: Ja.
Raadsheer: Die was ook verdacht hè toentertijd, dus ik kan me voorstellen dat dat wel heel veel indruk heeft gemaakt?
Verbaan jr: Ja natuurlijk, maar het is eh… Nu ik die bloedziekte heb, weet ik het allemaal niet meer. Ik kan er niet over… Ik weet het niet meer…
Raadsheer: U weet het niet meer.
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: Heeft u de afgelopen tijd nog… volgt u de zaak nog?
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: U leest geen kranten daarover? Televisie?
Verbaan jr: Nee. Ik lig de hele dag op bed.
Raadsheer: Ja, want hoe ziet uw leven er nu uit?
Verbaan jr: Nou met twee kinderen en een neefje van Raymond is ook altijd bij mij, dus weet je…  Ik ben echt moeder, enne voor de rest lig ik de hele dag op bed als de kinderen naar school zijn.
Raadsheer: Hoe oud zijn die kinderen?
Verbaan jr: De ene is 13 en de andere is 17.
Raadsheer: Heeft u nog over deze zaak gepraat met anderen, met uw moeder bijvoorbeeld?
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: Nee? En heeft u nog dingen gelezen, en verklaringen van uzelf?
Verbaan jr: Eh nee, ook niet.
Raadsheer: Dus u bent er helemaal niet meer mee bezig?
Verbaan jr: Nee, maar het is gewoon, ik ben gewoon altijd moe. En ik lieg daar niet om, ik ben gewoon altijd moe… het is zo vervelend, maar dat is eh…
Raadsheer: Kunt u zich nog wel herinneren dat u zelf ook vaak door de politie bent gehoord over deze zaak?
Verbaan jr: Nee, ja, ik weet wel dat ik eens bij ze ben geweest, maar ik weet ook niet meer wat ik heb gezegd.
Raadsheer: U weet niet meer wat u heeft gezegd?
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: U heeft ook niet zoveel gezegd, nou ja, u heeft wel veel gezegd, maar u weet dat niet meer?
Verbaan jr: Nee. Echt niet.
Raadsheer: Ehm, heeft het zin om aan u te vragen… u zegt ik weet heel veel niet meer, maar weet u wat er met die Joegoslavische jongens is gebeurd?
Verbaan jr: Ja-ah… dat ze vermoord zijn.
Raadsheer: Hoe weet u dat?
Verbaan jr: Nou dat was op tv paar keer. Dat was bij Opsporing, of zoiets.
Raadsheer: En wat dacht u dat u dat zag?
Verbaan jr: Ja erg… het waren best wel aardige jongens. Maar ik kon ze niet echt goed.
Raadsheer: Weet u hoe ze zijn vermoord?
Verbaan jr: Nee, dat weet ik echt niet.
Raadsheer: Ehm, u weet misschien wel dat er in het dossier dat wij hebben, daar zitten verklaringen in van mensen die zeggen dat dat besproken is waar u bij was, over wat er met die jongens was gebeurd?
Verbaan jr: Nou, dat lijkt me onmogelijk.
Raadsheer: Dat lijkt u onmogelijk?
Verbaan jr: Eh ja…
Raadsheer: Ja… bedoelt u: dat is nooit gebeurd, of: dat kan ik mij niet herinneren? Of hoe moet ik dat zien?
Verbaan jr: Ja, dat zou ik niet weten.
Raadsheer: Dat zou u niet weten. Staat u iets bij van een gesprek bij u thuis, of bij uw moeder thuis, waar daarover gesproken is wat er met die jongens is gebeurd?
Verbaan jr: Nou eigenlijk… er was haast niemand, ik was wel af en toe met Mop, want we zorgden voor elkaar, en…
Raadsheer: Ja… heeft u van Moppie wel es gehoord wat er met die jongens is gebeurd?
Verbaan jr: Ook niet. Nee. Ik weet het niet. Het is zo lang geleden, ik weet het niet…
Raadsheer: Ja, het is wel lang geleden, maar het is ook niet iets… als je er van hebt gehoord, is het niet iets wat je makkelijk vergeet, lijkt me?
Verbaan jr: Nee, dat zeg ik ook niet, maar het is zo lang geleden, ik weet dat niet meer van zo lang geleden.
Raadsheer: U zei net: ‘Jesse Remmers, die heb ik wel eens gezien, lang geleden’, is hij wel eens bij u thuis geweest?
Verbaan jr: Eh, nou ja, we gingen vaak naar Amsterdam. Ik ging met Mop om en Jesse was vriend van Mop.
Raadsheer: En dan ging u naar Amsterdam met z’n tweeën en dan kwam u Jesse wel eens tegen?
Verbaan jr: Eh… ja.
Raadsheer: Maar is hij ook wel eens bij u thuis geweest op de Maysstraat?
Verbaan: Nee.
Raadsheer: Nee?
Verbaan jr: Nee, als-ie ons op kwam halen, kwam ie altijd voor de deur. Bij ons thuis kon-ie niet naar binnen omdat mijn vader zo ziek was.
Raadsheer: U bedoelt dan dus op nummer 102?
Verbaan jr: Ja.
Raadsheer: En op nummer 64? Kwam hij daar wel eens?
Verbaan jr: Nou daar kwam ik niet veel, want ik was altijd bij mijn vader.
Raadsheer: Sliep u daar wel eens op 64?
Verbaan jr: Nee, daar sliep mijn broer, ik sliep daar ook wel eens, maar de ene moest voor mijn vader zorgen, dus als je…
Raadsheer: Heeft u wel eens van uw broer Raymond gehoord over wat er met die Joegoslavische jongens was gebeurd?
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: Nee… Ehm, zegt u nu dat heb ik allemaal niet gehoord, of dat weet ik niet meer, of…?
Verbaan: Dat weet ik allemaal niet meer. Dat zeg ik net. Het lijkt net of ik een beetje raar zit te doen, maar ik weet het gewoon niet. Dat komt natuurlijk omdat ik ziek ben.
Raadsheer: Ja kijk, dat u ziek bent, dat kan, u heeft net verteld wat u heeft, maar in hoeverre dat ook uw geheugen beïnvloed dat weten we natuurlijk niet. Vadaar dat ik de vraag toch stel. Misschien ligt het voor de hand dat als u het wel zou hebben gehoord, maar dat u het dan vergeten zou zijn, is niet zo vanzelfsprekend.
Verbaan jr: Nee, maar ik weet het echt niet meer. Ik kan niet lang meer nadenken. Meneer Mul zei net wat tegen me en dan vergeet ik het nu alweer. Dat is gewoon echt een beetje raar… Want normaal ben ik nooit zo.
Raadsheer: Maar u zei net, ik weet nog wel over die Joegoslavische jongens, dat u Opsporing Verzocht had gekeken en dat u toen zag dat die Joegoslavische jongens…  Wat zag u toen? Dat ze dood waren. Wat zag u? Weet u dat nog?
Verbaan jr: Ja, ik weet alleen nog dat ze dood waren. Het is zolang geleden dat weet ik allemaal niet meer.
Raadsheer: Weet u iets over waarmee die Joegoslavische jongens zich bezighielden?
Verbaan jr: Ook niet nee, het waren kennissen van Raymond.
Raadsheer: Heeft u daar met Raymond over gesproken, van: ‘Goh, wat doen die jongens hier?’
Verbaan jr: Dat weet ik niet meer.
Raadsheer: Kent u Malika Nassri?
Verbaan jr: Ja, dat is mijn ex-schoonzuster.
Raadsheer: Hoe was uw verhouding met haar?
Verbaan jr: Ja, die was wel goed. Ja, ze was een beetje jaloers op die kleine, dat die bij ons…. ja ze was op alles overal jaloers op.
Raadsheer: Overal jaloers op?
Verbaan jr: Ja, ik weet niet hoe ik dat moet zeggen. Die kleine woonde bij mijn moeder em toen eh…
Raadsheer: Met die kleine bedoelde u het kind van Malika en Raymond hè?
Verbaan jr: Ja, maar dan werd ze altijd… altijd was ze kwaad, en agressief, ja jaloers gewoon…
Raadsheer: Hebt u haar nog wel eens gezien de laatste tijd?
Verbaan jr: Nee… nee.
Raadsheer: Weet u wat zij heeft verklaard, in dit proces? Daar bent u waarschijnlijk toch wel mee geconfronteerd? De politie heeft u dat toch wel verteld? Weet u dat nog, wat zij…
Verbaan jr: Nee, ik denk dat ze het over mijn moeder had, maar voor de rest weet ik het niet.
Raadsheer: Want zij verklaart ook over u, bijvoorbeeld. En haar verklaring komt er op neer dat ze zegt: Estrella, ja die weet ook wel wat er met die Joegoslavische jongens is gebeurd. Die was erbij toen daarover gesproken werd.
Verbaan jr: Nee… dat is onzin.
Raadsheer: Dat is onzin?
Verbaan jr: Ja, ze is altijd boos. Het lijkt een heel aardig vrouwtje, maar ze is gewoon altijd boos, op iedereen weet je…
Raadsheer: En waarom zou ze ook boos zijn op u?
Verbaan jr: Nou dat is van vroeger, de eerste paar weken ging het wel, maar daarna hadden we altijd ruzie. Ze maakte ruzie met mijn pa die ziek was, zulke dingen, weet je… ja, hij probeerde tegen iedereen normaal te doen, maar mijn pa was ziek.
Raadsheer: Kunt u zich dat nog herinneren, toen u die verklaringen van Malika hoorde, of u toen nog met Raymond en met Moppie daarover hebt gesproken?
Verbaan jr: Nee dat weet ik niet.
Raadsheer: Dat weet u niet…  Kunt u zich herinneren wat er gebeurd is toen Moppie vastzat voor deze zaak, wat is er toen gebeurd bij u thuis? Er werd over gesproken neem ik aan. Weet u wat er toen over is gezegd?
Verbaan jr: Nee, dat weet ik niet.
Raadsheer: Dat weet u niet meer. Kunt u zich dit überhaupt nog voor de geest halen, die periode?
Verbaan jr: Nee.
Raadsheer: Hoe lang heeft u die relatie met Moppie gehad eigenlijk? Hoe lang was u samen?
Verbaan jr: Ja, dat is al zo lang geleden, dat weet ik niet… niet zo lang. Het is heel lang geleden.
Raadsheer: Nadat die jongens bij u in huis verbleven, u had toen een relatie met Moppie, heeft die relatie daarna nog maanden geduurd, of jaren?
Verbaan jr: Nee, dat niet… maar ik weet het niet…
Raadsheer: Ik heb in dit stadium eigenlijk geen vragen meer.

Tot zover.

Hierna deden de voorzitter, het OM en de raadslieden nog wel enkele pogingen, echter het geheugen van Estrella Verbaan jr. liet haar vanwege de ‘bloedarmoede’, zoals zij haar ziekte noemt waaraan ze zegt te lijden, telkens in de steek. Ze verontschuldigde zich regelmatig aan het begin van het verhoor en merkte vlak voor de belofte op: ‘Normaal weet ik wel wat ik moet zeggen, maar ik heb er af en toe moeite mee. Ik ben al 20 kilo afgevallen en ik heb maar 3 liter bloed, enne… Dus af en toe dan weet ik het niet meer, dus als ik het niet meer weet, dan kan ik het niet zeggen…’

De voorzitter liet daarop wel merken dat Estrella dat dan niet kwalijk genomen zou worden, als het maar de waarheid is, voor zover ze dat kon nagaan. En als ze het niet weet, dan weet ze het niet. Dat beloofde ze.

Het OM gaf vlak voor het einde van de zitting aan dat het TGB wil dat het verhoor van getuige Harry W., dat gepland staat voor maandag as., plaats zal vinden in de extra beveiligde rechtbank ‘De Bunker’ te Osdorp. Vanwege de technische voorzieningen die wel in de Bunker zouden zijn en niet in het JCS.  Het Hof wilde echter iets meer inlichtingen waarom dat verhoor niet in het JCS plaats zou kunnen vinden, gelet op de extra beveiligde locatie met z’n technische voorzieningen, zoals een getuigencabine etc., waar de zittingen nu plaatsvinden.

Donderdag beslist het Hof. Dan is er weer een zitting in het JCS. Lesley Verkaart krijgt een herkansing om te getuigen. Opgeroepen zijn Jesse Remmers, Siegfried Saez en Moppie Rasnabe. Of de laatste twee aanwezig zullen zijn is (mij) nog onbekend. Jesse Remmers, die maandag alleen aanwezig was, gaf aan: ‘wel de intentie te hebben om te komen’.

Bondtehond bij het liquidatieproces

Dit bericht werd geplaatst in Liquidatie proces en getagged met , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s