Fred Ros: ‘Het verhaal zit niet in elkaar om twee mensen te offeren’

Vaste lezers van mijn blog met rechtbankverslagen van het liquidatieproces Passage zullen uiteraard gemerkt hebben dat ik een behoorlijk aantal zittingen heb gemist. Dat had te maken met het overlijden van mijn moeder op 9 april jl. in een coma-centre in Perpignan, Zuid-Frankrijk, na een hartstilstand. Veel meer zal ik er op dit moment niet over zeggen, maar na de laatste zitting waar ik een verslag over schreef, die van 20 april met Danny Kuiters, kon ik het even niet meer zo goed opbrengen om ook nog uren te schrijven na de hele dagen archiveren van zittingen. Want deze onderbreking wil niet zeggen dat ik geen zittingen meer heb bijgewoond, integendeel. Slechts enkele zittingen heb ik maar gemist. Ik hoop nu dat ik langzamerhand de kracht weer terugkrijg en ook weer wat meer zin om er mee verder te gaan.

Gelukkig zitten we tegen het zomerreces, dus wellicht krijg ik zo wat meer tijd om het grote verlies van de belangrijkste persoon in mijn leven te verwerken en me op te laden voor de laatste fase, tot aan de uitspraak. Ik was al wel van plan wat minder grote verslagen te schrijven en het wat af te bouwen, maar ja, na reeds 7 jaar het grootste, duurste, langdurigste, meeslependste en spannendste proces ooit in Nederland te hebben gevolgd, voelt het toch een beetje als een gemis om er helemaal mee te stoppen. Ik heb nou eenmaal deze taak eens vrijwillig op me genomen, zonder daar direct financieel heel veel mee op te schieten, maar op andere gebieden ben ik veel ervaring rijker geworden en dat is ook wat waard. Komt nog wel van pas, dat geef ik u op een briefje.

Dit bizarre proces is al een tijdje in een fase aangeland waar je je als buitenstaander wellicht niet meteen een goede indruk van zult krijgen, maar neem van mij aan dat ik nog bijna iedere zitting met de verdachten, verdediging, aanklagers en raadsheren als een nieuwe interessante voorstelling zie. Niet te vergeten met de vele mensen die zorgen voor de beveiliging en/of het op andere wijze op rolletjes laten lopen van dit enorme onderwereldproces. Een proces dat zo’n grillig verloop heeft, met zoveel plotwendingen en bizarre gebeurtenissen, dat ik het in 2008 nooit geloofd zou hebben als iemand me dit voorspeld zou hebben. Ik denk helemaal niemand in Nederland.

Vorige week was de hervatting van het proces na de vele getuigen-verhoren van getuigen die waren opgeroepen om de (on)geloof-waardigheid van Fred Ros te onderzoeken. De bonte stoet getuigen aan betrokkenen, van (ex-)vriendinnen van verdachten tot (vermeende) onderwereldkopstukken, heeft de nodige tijd in beslag genomen en tussendoor kwam ook nog het grote nieuws tot ons dat Willem Holleeder werd gearresteerd, toch wel ‘target number 1’ te noemen van het Openbaar Ministerie. Baas boven baas zullen we maar zeggen. Maar wie nu de allerhoogste baas was, is allerminst duidelijker geworden. Dat is één van die vraagstukken die al jaren boven het proces zweeft. Ongetwijfeld zal de Holleeder-zaak ‘Vandros’ ook de nodige jaren in beslag gaan nemen. Vandaag zagen we een voorzetje van het OM, waaruit je weer kunt opmaken dat de Passage-en Vandros-zaken onmiskenbaar vele raakvlakken zullen gaan hebben van waaruit het onderzoek naar de waarheid op verder moet borduren. De zussen van Willem Holleeder zullen nog ongetwijfeld voor vuurwerk gaan zorgen.

En Dino Soerel kreeg vandaag weer een nieuw verzoek tot gevangen-neming in zijn maag gesplitst van het OM omdat hij in de laatste fase van zijn 8-jarige detentie in de zaak ‘Zuil’ is aangeland en men bang is dat Soerel via detentiefasering op een zeker moment in aanmerking zou kunnen komen voor verlof. Hij zegt daar zelf over dat hij toch niet in aanmerking komt voor verlof en daarom teleurgesteld is dat hij zo jaren in het huis van bewaring dreigt te moeten doorbrengen. Hij zit nu in het gevangenisgedeelte van De Schie in Rotterdam en wil daar graag blijven. Mr. Nico Meijering had in eerste aanleg nl. verzocht of hij terug kon vallen in detentie voor de zaak Zuil, zodat hij alvast die straf uitzit en niet te veel tijd zou verdoen met alleen het voorarrest voor Passage, Dat is destijds door de rechtbank toegewezen.

Het OM gaat er vanuit dat men na de vrijspraak van Soerel in eerste aanleg, met de getuigenis van kroongetuige Fred Ros en een verzameling van uitspraken van (indirect) betrokkenen uit andere getuigenverhoren, nu wel over voldoende bewijs beschikt om Soerel te veroordelen voor opdracht-geven van liquidaties. Dat Holleeder met de naam van Soerel zou hebben lopen schermen is voor Soerel wel zeker en de rechtbank vond dat kennelijk ook plausibel, maar het OM in Hoger beroep gaat uit van een aantal opdrachtgevers, waar Soerel er één van zou zijn. Persoonlijk denk ik dat je als Hof het met hagel schietende OM, middels hun kroongetuigen Peter la Serpe en Fred Ros, met de nodige scepcis zal moeten blijven bekijken. Want hoe je het went of keert, feit blijft dat Fred Ros zich sinds zijn arrestatie in 2006 tot het moment dat hij besloot kroongetuige te worden zichzelf uitermate goed heeft kunnen voorbereiden op zijn rol als kroongetuige.

Je kunt echt niet uitsluiten dat Ros, die reeds bekend stond als charmante, maar tevens zeer geslepen en keiharde afperser, die er zelfs niet voor terugdeinste mensen te dwingen liquidaties voor hem te plegen, zijn kans schoon zag en koos voor de rol als verrader. Met 7 jaar dossierkennis en ongetwijfeld geleerd van de fouten van La Serpe, heeft Ros een tactisch wapen op zak waar je u tegen zegt. Als tweede verrader, die zag dat die Peter la Serpe er toch wel mooi uitsprong met een vette cheque op zak, kom je toch wel goed beslagen ten ijs. Er zijn legio aanwijzingen dat Ros zelf ook bloed aan zijn handen heeft en misdaden verzwegen heeft, dus het onderzoek dat zich nu afspeelt, zal zeer kritisch moeten worden bekeken. Ik heb ook wel de indruk dat het Hof zich zeer serieus van deze taak heeft gekweten tot nogtoe, en dat is maar goed ook.

Soms kom je namelijk staaltjes tegen van het OM waarbij je als toeschouwer toch wel bedenkingen hebt. Neem nu de zitting van donderdag 28 mei jl.. Het was al bijna aan het einde van weer een lange procesdag en Mrs. Nico Meijering en Christian Flokstra legden Fred Ros het vuur weer uren na aan de schenen met een reeks vragen. Op een gegeven moment vroeg Meijering aan het Hof of hij Ros een briefje mocht voorhouden dat Ros op de zitting van 9 maart 2010 aan zijn cliënt Ali Akgün (rip) had overhandigd, via een aanwezige advocate. (wellicht de assistente van Mr. Plasman die Ros wel eens bijstond, Mr. Heleen Bos) Mr. Meijering begon over een ‘geconstrueerd’ briefje, wat de voorzitter van het Hof, Mr. Ruud Veldhuisen, in verwarring bracht. Hij wilde weten wat de raadsman met ‘geconstrueerd briefje bedoelde en wat de grondslag was om het zo te willen doen. Om dat uit te leggen vroeg Meijering of het geluid in de cabine van Ros even uitkon. Het Hof besloot Ros even in een ander vertrek te laten wachten. Mr. Meijering legde uit dat hij Ros wilde confronteren met de tekst van het briefje en dan te vragen of hij dat zo geschreven had. Hij las het briefje voor aan het Hof.

Op het briefje stond:
‘Veroordeeld in Van der Bijl wordt ik toch wel. Maak je niet druk over wat dan ook! Ik heb mijn woord gegeven, afspraak is afspraak! Plus, jij hebt er niets mee te maken! (dat weet ik) Wat betreft Ali in dossier: (bezoek is dezelfde als in de tap van Pata, en over een vader heb ik nooit gesproken).’

Het Hof vroeg zich dus af wat Meijering bedoelde met gereconstrueerd briefje en wat de grondslag was om het zo te doen, dat begreep men niet precies. Meijering legde uit de tekst te hebben overgetypt, voor zover hij kon lezen wat er staat, dus dat bedoelde hij ermee. En de grondslag: mocht Ros het ontkennen of zeggen dat hij dat nooit geschreven zou kunnen hebben, dan zou Meijering het briefje uit zijn broekzak halen en bv. zeggen: Oh nee, en wat is dit dan? (bij wijze van spreken) Het Hof begreep het nu en vroeg het OM wat de AG’s ervan vonden. Het antwoord was verrassend. Nou ja, eigenlijk ook weer niet zo verrassend, want het OM ligt wel vaker voor onderzoekswensen van de verdediging en verzoekt regelmatig het Hof de ogenschijnlijk simpelste vragen van de verdediging te beletten. Maar dat heeft vaak te maken met TGB-gerelateerde vragen, uit veiligheidsoverwegingen wil men dan bepaalde vragen belet zien door het Hof. Echter nu zou je zeggen dat deze simpele confrontatie met een op zitting overhandigd briefje van Ros aan Ali Akgün de waarheidsvinding alleen maar zou kunnen helpen. En je moet als OM toch ook met waarheidsvinding bezig zijn en niet een soort van tunnelvisie waarbij je niets meer wilt zien dat Ros z’n geloofwaardigheid zou kunnen aantasten.

AG Mr. Cynthia de Jong zei: Nou als gezegd wordt… eh… ik denk dat je eerlijk moet zijn bij het voorhouden van feiten aan de getuigen, dat als de getuige in het ongewisse wordt gelaten of de verdediging over het briefje beschikt of niet, in de hoop dat daarmee een antwoord wordt ontlokt, dat bij het juist weergeven van de feite niet zou zijn gegeven, vind ik dat geen juiste manier van vragen stellen. Dus dan maak ik daar bezwaar tegen.

Ag Mr. Frits Posthumus: En wat is een geconstrueerd briefje? Zo moeilijk leesbaar is het handschrift van Ros toch niet?

Voorzitter Mr. Ruud Veldhuisen: Voor zover ik begrepen heb, is het geen geconstrueerd briefje, maar is de tekst op het briefje overgetypt.

Meijering: Ja, en ik zou graag de kans hebben om dit voor te houden. Hoewel ik denk dat meneer Ros het allang in de gaten heeft hoor, maar dat is dan even niet anders. Kijk, u moet het natuurlijk zo zien: wij hebben het al vaker over dit briefje gehad en wij zien de heer Ros als iemand die de waarheid geweld heeft aangedaan op meerdere fronten. En ik zou meneer dit graag eerst even willen laten lezen en daar dan een reactie op willen vragen. In onze visie zou het kunnen helpen bij het blootleggen van de werkelijkheid. Nog los van wat u daar van vindt of gaat vinden, want dat zullen wij natuurlijk pas weten als u uitspraak doet.

Raadsheer: Wat ik dan nog wel even wil weten meneer Meijering, is het briefje afkomstig van Ros? Heeft u daar zekerheid over? En kunt u ook zeggen wanneer dat verstrekt is?

Meijering: Even uit mijn hoofd: 9 maart 2010
AG De Jong: En op welk moment en hoe?
Raadsheer: Ja, dat wilde ik ook gaan vragen.
Merijering: Op een zitting.
Raadsheer: Het is op een zitting verstrekt?
Meijering: Ja.
Raadsheer: Door meneer Ros aan…?
Meijering: Het is door meneer Ros verstrekt, mogelijk, dat kan ik niet meer helemaal met cliënt bij leven reconstrueren, mogelijk door tussenkomst van een raadsvrouw, maar mogelijk is het verstrekt aan meneer Akgün en de heer Akgün heeft het vervolgens aan mij gegeven.
Raadsheer: Op diezelfde zitting?
Meijering: Jazeker.
Raadsheer: Maar wel kort daarna?
Meijering: Nou, hij ging toen naar de EBI, dus hij heeft het aan mij afgegeven.
Voorzitter: Ok.
AG Posthumus: Mag ik ook nog een vraag stellen?
Voorzitter: U mag een vraag stellen.
AG Posthumus: Hoe weet u dan zeker dat het van Ros is?
Meijering: Eh… vanwege het feit A: dat ik het op dfat moment van mijn cliënt heb gekregen, die had het van meneer Ros en B; omdat het handschrift vollediug overeenkomt met het handschrift van meneer Ros dat we tot nu toe hebben gezien.
AG Posthumus: Maar dan snap ik nog steeds niet wat er nu gereconstueerd is? Want dan is het of u het in snippertjes heeft en vervolgens aan elkaar geplakt heeft, of…?
Meijering: Nah… nou weet u , u mag het ook best wel meteen hebben ook. Waarom zou ik het niet meteen geven?
Voorzitter: Nou… eh…ja..ja..ja..
Meijering: Ik geef het in ieder geval even aan de voorzitter.
(Meijering laat briefje aan voorzitter geven)
Voorzitter: Ok… het lijkt wel een postzegel.
Meijering: Dus mijn vraag is of meneer de tekst herkent, even los van wat dat nu nog waard is, maar het kan mogelijk waarde hebben… en of ik meneer het eigenlijke briefje daarna kan laten zien? U begrijpt, het is een tactiek geweest, dat had u wel door, u loopt langer mee dan… Het is ceen tactiek geweest en ik probeerde dat op die manier in te steken en het blijft een reconstructie.
Voorzitter: Dat begrijp ik, maar u begrijpt wel als we de helikopter even wat hoger laten stijgen, dat de aarzeling die we hebben als we de grondslag niet hebben en horen over een ‘gereconstrueerd briefje’, dat we even een aantal dingen in de gaten willen houden.
Meijering: Jawel.
Voorzitter: We onderbreken even kort en dan krijgt u zo te horen of de weg die u wilt bewandelen ook bewandeld kan worden.
Meijering: Ja… Dank u.

Uiteindelijk kreeg Meijering na een kort beraad van het Hof toestemming.
Voorzitter: ‘Gereconstrueerd briefje’ riep wat verwarring bij ons op. Als u zou zeggen: Ik hou de getuige een tekst voor, delen of integraal, dan kunnen we daar vragen over stellen, dan is er niks aan de hand. Dus als u het nou op die manier doet, is er voor ons geen reden om daar voor te gaan liggen, huiselijk gezegd.
Meijering: Mijn excuus, want dat had ik misschien zelf ook moeten bedenken.
Voorzitter: Als u het nu zo doet, aan de getuige: Ik hou u een tekst voor, althans delen daarvan en die luidt aldus, en dan horen we wel wat voor vragen u stelt en wat voor antwoorden daarop komen. En u heeft op voorhand al iets aan ons gegeven, namelijk een kopie. Dus de getuige kan weer in de cabine plaatsnemen. (Ros werd weer binnengehaald)

Meijering: Meneer Ros, ik houdt u de volgende tekst voor: ‘Veroordeeld in Van der Bijl wordt ik toch wel. Maak je niet druk over wat dan ook! Ik heb mijn woord gegeven, afspraak is afspraak! Plus, jij hebt er niets mee te maken! (dat weet ik)’. Even tot zover, zegt u dit iets?
Fred Ros: Nee, maar ik zal het ongetwijfeld een keer tegen Ali gezegd hebben dat het met de betalingen te maken had en formaal gezien had Ali natuurlijk niks met Van der Bijl te maken, buiten het feit dat-ie wel betaald heb, maar niet met de opdracht of dat het van hem moest.
Meijering: Maar u heeft dat tegen hem gezegd?
Ros: Het zou kunnen dat ik het heb geschreven, dat wat u nu voorhoudt, het zou makkelijk kunnen dat ik dat in een briefje geschreven heb. Maar dat had dan te maken met dat ik wilde dat er weer betaald werd, van: ik hou mijn mond wel en het komt wel goed.
Meijering: Nou, ik hou hem even verder voor, wat ik hier heb staan: ‘Wat betreft Ali in dossier: (bezoek is dezelfde als in de tap van Pata, en over een vader heb ik nooit gesproken)’…..
Ros: Ik denk dat het over Ali gaat, maar u houdt mij iets voor waarvan ik echt niet de contaxt weet en ik ken het me niet helemaal herinneren, maar als het over de vader van Ali gaat, ja ik heb de vader van Ali nog nooit gesproken, maar dat heb ik geloof ik al… verteld.
Meijering: Maar herkent u deze tekst sowieso? ik lees het nog één keer voor en als u de tekst even op u in wil laten werken:’Veroordeeld in Van der Bijl wordt ik toch wel. Maak je niet druk over wat dan ook! Ik heb mijn woord gegeven, afspraak is afspraak! Plus, jij hebt er niets mee te maken! (dat weet ik). Wat betreft Ali in dossier: (bezoek is dezelfde als in de tap van Pata, en over een vader heb ik nooit gesproken)’.
Ros: Ja… ik wilde het gevoel laten geven dat ik volop voor Ali zou gaan, dat ik zou zorgen dat hij vrij zou komen, ja dat klopt ja.
Meijering: Dat u ervoor zou zorgen om vrij te komen?
Ros: Dat hij vrij zou komen, dat ik in ieder geval niet uh…uh…ja dat ik in ieder geval niet een verklaring over hem af zou leggen. Dat was de bedoeling ja. Dat komt ook omdat in het begin, ik weet niet of er een datum op staat, of dat u een datum weet, maar dat dat niet na 2010 of 2011 is geweest. Of 11, ja 10 kan ook nog, maar in ieder geval niet in 2013 enzovoort.
Meijering: Nee dat… mijn vraag is: kan u dit zo in een briefje hebben geschreven aan hem?
Ros: Ik weet het niet. Het staat me niet helemaal bij, maar het komt me ook niet onbekend voor, maar wat daar staat, dat kan nooit één briefje zijn.
Meijering: Wanneer heeft u dit briefje… als het een briefje is, ik begrijp dat u een slag om de arm houdt, heeft u dit briefje afgestaan?
Ros: Nee, dat weet ik simpelweg niet, ik weet het niet.
Meijering: Oh… maar het punt is even: er lijkt een aanleiding aan vooraf te gaan: ‘Veroordeeld in Van der Bijl wordt ik toch wel. Maak je niet druk over wat dan ook!’… Maakte hij zich druk, Ali?
Ros: Nou, het zou kunnen dat er toen al die speculaties waren dat ik iets zou gaan doen, of uh… maar het is allemaal speculatief watv ik nu ga doen, want ik herken het niet zo, ik kan me wel voorstellen dat ik zoiets geschreven kan hebben, maar het moet dan het moment geweest zijn en we zijn daarin nu een stukje verder… Ali is er niet meer en uh… ja het is gewoon moeilijk om dat nu op een tijdstip neer te leggen.
Voorzitter: Meneer de raadsman, u zoekt waarschijnlijk iets wat ik hier heb.
Meijering: Ja… de datum.
Voorzitter: Oh, ik dacht dat u het briefje bedoelde.
Meijering: Dank u wel. Ehm… het briefje is overhandigd op de zitting van 9 maart 2010.
Ros: Dat is dan ongeveer de tijd geweest dat ik met Van Oosten in zee ging, ik denk ergens in die tijd ongeveer, dat ik bezig was met een andere advocaat en dat er ook weer wat betaald is, ik denk dat het in die periode is geweest, als ik het mij kan herinneren. Dus daarom was het briefje dan opgelegen, dat ik zei: Joh, maak je niet druk, het komt wel goed, maar regel ook wat voor mij. Zo zal het ongeveer gegaan zijn. En dat is dan ook gebeurd daarna.
Meijering: Er staat: ‘Ik heb mijn woord gegeven en afspraak is afspraak’. Dat koppelt u dus aan het feit dat hij zich druk maakte over iets?
Ros: Ja, dat had waarschijnlijk met bepaalde dingen te maken, dat zijn vader genoemd was door uh..uh..uh..Siem Wulfse, of..of..of..of dat de OVC-gesprekken nog dwars zaten, dat weet ik niet. Maar ja, we kunnen het hem helaas niet vragen, maar dat denk ik dat de grondslag is en omdat ik weer betalingen wilde hebben, heb ik dat een beetje geromantiseerd voor hem natuurlijk.

Tot zover.

Ros zegt, en dat is opmerkelijk, dat hij ‘het een beetje geromantiseerd heeft’. Daar kun je natuurlijk veel bij denken. De indruk bestaat sowieso al bij de verdediging dat Ros met 7 jaar dossierkennis het OM-verhaal kloppende heeft gemaakt, maar dan wel met leugenachtige verklaringen. Hij zou hiaten in het verhaal van La Serpe opvullen, zeg maar. La Serpe heeft de voorzet gegeven, niet genoeg om Soerel en Akgün te veroordelen, en Ros moet hem er nu in knallen. Bij wijze van spreken natuurlijk. Maar gaandeweg het proces in Hoger beroep zijn er zoveel getuigen gehoord en belastende verklaringen hebben afgelegd die in tegenspraak zijn met wat Ros verklaard, dat bepaalde uitspraken dan een extra dimensie krijgen. Zoals het moment waarop er gesproken werd over het opofferen van twee personen. Ros komt er straks af met 10 jaar (netto) celstraf en ontvangt eveneens een flink bedrag om zijn leven en eigen veiligheid te kunnen regelen, dat hoogstwaarschijnlijk zeker zo hoog is als de 1,4 miljoen die kroongetuige La Serpe heeft onderhandeld met het zaaks-OM in eerste aanleg. Ros laat zichzelf er echt niet bekaaid afkomen, dat zit bepaald niet in het karakter van deze man. Tot nu toe komt Ros over als een behoorlijk gehaaid en geldbelust persoon, die van afpersing zo’n beetje zijn professie leek te hebben gemaakt, als je het dossier een beetje kent. Als advocaat Meijering hem daar een keer mee confronteert op een gegeven moment, dat Ros ten koste van zijn cliënten en uit eigen gewin twee personen opoffert, merkt Ros geïrriteerd op: ‘Ach kom nou toch meneer Meijering! Het verhaal zit niet in elkaar om twee mensen te offeren’….

Deze opmerkelijke quote bleef door mijn hoofd malen: het verhaal zit niet in elkaar, het verhaal zit niet in elkaar, het verhaal zit niet in elkaar… Welk verhaal zit in elkaar? Welk verhaal bedoelt Ros überhaupt? Het is een verhaal dat in elkaar zit? Nog een stapje verder: een verhaal dat in elkaar is gezet? Is het eigenlijk wel uit te sluiten dat Ros op basis van het digitale dossier dat hij al die jaren op cel heeft en op basis van wat hij heeft gezien en meegemaakt met kroongetuige Peter la Serpe zijn laatste afpersing, dat van Justitie, tot in de finesse heeft voorbereid en uitgevoerd? (lees: het verhaal zo in elkaar heeft gezet dat hij als grote winnaar dadelijk met een vette cheque via de zijdeur het toneel dat Passage heet verlaat op basis van een in elkaar gezet verhaal?) Is het echt uit te sluiten dat hij over lijken gaat, om uit eigen gewin een laatste grote slag te kunnen slaan? Het is een vraag die nog maar weinig gesteld is, maar waar de verdediging inmiddels het antwoord wel op denkt te weten. En eerlijk is eerlijk, Ros is er tot dusverre, tenminste die indruk heb ik wel, nog niet in geslaagd het Hof te overtuigen dat zijn verhaal inderdaad de juiste versie zou zijn.

Het Passage-proces kabbelt voort en weer heeft zich een enorme plotwending voorgedaan met de arrestatie van Willem Holleeder en de verklaringen van diens zusters, die in wezen door de verdediging worden gezien als ontlastend voor Dino Soerel en Ali Akgün (RIP), en weer zal het mega-proces ongetwijfeld vertraging oplopen met het parallel aan Passage lopende proces ‘Vandros’ dat immers nog niet is begonnen, maar het is er (in mijn ogen) allerminst duidelijker op geworden wat zich nu daadwerkelijk heeft afgespeeld binnen deze gesloten wereld van de Hollandse polder-maffia.

In figuurlijke zin vecht Dino Soerel in elk geval voor zijn leven, Ali Akgün kunnen we het niet meer vragen en Sjaak Burger vecht letterlijk voor zijn leven in een revalidatiecentrum ergens in Nederland. Jesse Remmers komt af en toe met (des Jesse’s) ingewikkeld klinkende theorieën, als voorbereiding op het al jaren aangekondigde grote exposé (Vrij Nederland kreeg alvast inzage in het boek, dat de auteur Jesse Remmers de ondertitel meegaf ‘Exposé – Clarifiërende anekdotes van Jessy R.’) wat dat dan ook moge zijn en/of toe moet leiden, en Moppie Rasnabe zwijgt vooral. De oudste verdachte, Siefried Saez, zie of hoor je sowieso al nooit omdat hij nooit komt. De zaken van Pinny Song, Freek Stevens en Nan-Paul de B. worden vooral sterk vertraagd door de maalstroom van de grote Passage-hoofdlijnen in het proces waar ze in terecht zijn gekomen. Nee, het Passage-proces is nog lang niet ten einde en gezien de ontwikkelingen kunnen we nog wel vuurwerk verwachten.

Ik kom aankomende week nog terug op de twee zittingen van afgelopen dagen. Intussen zou ik willen aanraden om de Twitter-pagina’s van @SaskiaBelleman , @huskenmarian en @Bondtehond te volgen en natuurlijk de site Vlinderscrime van Martin Kok die op geheel eigen wijze en dan vooral als insider de misdaad volgt in Nederland.

Bondtehond bij het liquidatieproces

Dit bericht werd geplaatst in Liquidatie proces en getagged met , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s