Greg Remmers: ‘Daar geef ik geen antwoord op’

Een bijzonder getuigenverhoor vanmorgen in het Hoger beroep van het liquidatieproces. Greg Remmers, de vader van (vermeend) hitman  Jesse Remmers, was opgeroepen om vandaag te komen getuigen. Er was al een aantal keren eerder sprake van dat Greg Remmers zou komen getuigen, echter dat werd evenzoveel keer geannuleerd. De getuige, doorgaans geduid als ‘onderwereldkopstuk’ en/of ‘drugsbaron’ Greg Remmers in de media, kwam vandaag dus wél getuigen in het langlopende Passageproces. Hij werd bijgestaan door zijn raadsman Mr. Sjoerd van Berge Henegouwen. Deze advocaat kende ik nog van een aantal jaren geleden, toen ik eens een aantal zittingen bijwoonde in het oude Gerechtshof aan de Prinsengracht. Dat ging destijds om een ontnemingszaak van 4,7 miljoen euro.

Greg Remmers + Mr. Sjoerd van Berge Henegouwen

De zitting duurde vrij kort. Om 12:00 reed ik nl. al weg bij het JCS te Schiphol. Bij het verlaten van het gebouw bleek dat een behoorlijk aantal goede vrienden en bekenden van de gepensioneerde Greg Remmers en zijn andere zoon Andy Remmers de zitting kennelijk hadden gevolgd vanaf de publieke tribune. Leuk om te zien dat de altijd sympathieke Greg Remmers, die ik soms ook wel eens spreek tijdens de pauzes van zittingen in het JCS en nu ook weer vriendelijk groette, zijn aanhang nog even toesprak over het verloop van de kort hiervoor beëindigde zitting deze ochtend. Daarna vertrok de groep.

De zitting begon 9:30
De voorzitter van het Hof Mr. Ruud Veldhuisen deelde kort na aanvang van de zitting mede dat het Hof een e-mail had bereikt van de raadsman van Willem Holleeder, Mr. Stijn Franken. De raadsman laat het Hof weten dat zijn cliënt op zijn advies mogelijk gebruik zal maken van zijn verschoningsrecht en spreekt zijn voorkeur uit voor het niet horen / niet verschijnen, omdat dat in zijn bewoordingen waarschijnlijk tot een mediacircus zal leiden. De voorzitter gaf aan dat dit op een later moment besproken zal worden.

Het getuigenverhoor kon beginnen. Nadat getuige Greg Remmers en zijn raadsman waren binnengeroepen en vooraan in de zaal naast elkaar hadden plaatsgenomen, heette de voorzitter hen beide welkom.

Voorzitter: Goedemorgen.
Greg Remmers: Goedemorgen.
Voorzitter: U bent Remmers?
Greg Remmers: Dat klopt, voorzitter.
Voorzitter: Uw voornaam is Chester Gregory?
Greg Remmers: Dat klopt.
Vooorzitter: Geboren 6 april 1948. En uw woonplaats, meneer Remmers?
Remmers: In Amstelveen.
Voorzitter: Heeft u een beroep? Wat mogen wij noteren?
Remmers: AOW-er.
Voorzitter: Ja, dat ziet u als een beroep?
Remmers: Nou, dat is geen beroep, maar ik hoef niet meer te werken. Ik werk niet, ik ben vaak bij een kleine. Ik heb toch een zoon van zeven en daar ben ik altijd bij. Dus sinds ik vrij ben gekomen anderhalf jaar geleden, ben ik met mijn zoon.
Voorzitter: Ja, dus daarom geeft u aan dat u geen beroep heeft. Ik begrijp wat u wilt zeggen.
Remmers: Helemaal goed.

De voorzitter geeft aan dat Greg Remmers aanwezig is als getuige om vragen te beantwoorden, in elk geval van het Openbaar Ministerie, omdat het OM graag ziet dat Remmers als getuige gehoord wordt, maar ook de advocaten en de verdachten kunnen vragen stellen. Ook het Hof zal vragen stellen. Remmers zit hier niet als verdachte, maar als getuige.

Na de plichtplegingen, waarbij Remmers kiest voor de belofte en de voorzitter aangaf dat hij zich mogelijk kan beroepen op zijn verschoningsrecht, wees het OM het Hof erop dat naast zijn zoon Jesse Remmers ook Nan Paul de B. een familielid is. Remmers bevestigde dat Nan Paul de B. zijn neefje is. Hierna deelde de raadsman van Remmers mede dat er in Nederland nog twee lopende strafzaken zijn, in Italië één strafzaak en nog een ontnemingszaak, ook in Nederland. Dus ook uit dien hoofde zou Remmers verschoningsrecht toekomen. Remmers had behalve zijn advocaat, gisterenavond, niemand gesproken over de zaak en ook geen voorbereidingen getroffen of stukken ingezien.

Hierna begon het OM met de vragen. Advocaat-generaal Mr. Cynthia de Jong beet de spits af.

AG Mr. De Jong: Goedemorgen meneer Remmers.
Greg Remmers: Goedemorgen.
AG: Wij hebben een aantal vragen. We hebben u hier een aantal malen gezien op de tribune. Sinds wanneer volgt u de strafzaak Passage?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op.
OM: En kunt u aangeven waarom u geen antwoord wilt geven op die vraag?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op.
Voorzitter: Wilt u naar ons kijken, dan praat u het beste in de microfoon. De vraag van de AG was: waarom wilt u geen antwoord geven op de vraag?
Mr. Van Berge Henegouwen: Ook op die vraag heeft meneer al eh…
Remmers: Daar heb ik inmiddels ook antwoord op gegeven…
Voorzitter: En wat was dat antwoord?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
Voorzitter: Waarom geeft u dat antwoord niet?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
Voorzitter: Doet u een beroep op uw verschoningsrecht? En zo ja, wilt u dat dan toelichten?
Mr. Van Berge Henegouwen: De interesse voor het strafproces en dan precies vanaf wanneer en wanneer is het dan een strafproces, vanaf het moment dat een dagvaarding is uitgebracht en waarvoor, dat gaat natuurlijk richting het verschoningsrecht dat meneer heeft ten opzichte van zijn zoon en mogelijk een andere persoon in dit proces.
AG De Jong: Misschien moet ik mijn vraag wat concreter maken? We hebben de heer Remmers hier op de tribune gezien: Wat is de eerste zitting die hij in Hoger beroep bezocht heeft? Weet hij dat nog? Meneer Remmers?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: U doet een beroep op uw verschoningsrecht?
Remmers: Dat zeker…  Oh, ik moet u aankijken. Heb daar vaker moeite mee.
Voorzitter: Dat wordt dan een beproeving voor u.
Remmers: Nee nee, geen probleem.
Voorzitter: Goedzo. (richting OM): Dringt u aan op beantwoording?
AG De Jong: Ja, ik snap eh… ten aanzien van de uitgebreide vraag kan ik nog wel bedenken waarom dat het verschoningsrecht zou kunnen raken, maar bij deze vraag vind ik dat wat lastiger.
Mr. Van Berge Henegouwen: Ja, het is ook een vraag die op hetzelfde ziet waarom-ie hier is, dus of hij hier nu ja of nee op zegt, het voegt niets toe aan eh… het gaat om de vervolgvraag, dat snapt iedereen.
Voorzitter: Nou ja, laat ik meteen duidelijk maken, de relevantie van vragen is aan het Hof. Uw taak hier is vooral op dat punt van het verschoningsrecht, om alert te zijn.
Mr. Van Berge Henegouwen: Ja ja.
Voorzitter: Dus u dringt aan op beantwoorden?
AG De Jong: Ja.
Voorzitter: Wilt u het nog toelichten dat verschoningsrecht?
Mr. Van Berge Henegouwen: Nou ja, het punt in dit geval is gewoon dat alles wat met dit strafproces te maken heeft, en zeker met de interesse die meneer heeft in dit strafproces, valt onder verschoningsrecht.
Voorzitter: Goed, na gehoord deze toelichting, dringt u toch nog aan op beantwoording?
AG De Jong: Ja.
Voorzitter: Dan zullen we daar later over beslissen. Gaat u verder.

AG De Jong: Ja, het maakt een aantal vragen wel lastiger, want één van de andere vragen zou zijn: Wie van de verdachten uit het Passageproces kent u?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Wat weet u van de contacten van verdachten uit het Passageproces onderling?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op.
Voorzitter: Nou, dat wordt allemaal een beetje somber, meneer de getuige. Zijn er nog vragen die u wel wilt beantwoorden? Of geeft u daar ook geen antwoord op?
Remmers: Daar geef ik ook geen antwoord op, meneer de voorzitter.
Voorzitter: Nou, dan ligt dat in de schoot der Goden, dan wachten we daar gewoon op om te zien hoe dat loopt. Gaat u verder.
AG De Jong: Ja. De volgende vraag is: wat de heer Remmers weet van onderlinge contacten tussen Ros en zijn zoon Jesse Remmers?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Tussen Ros en Burger?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Tussen Sjaak Burger en Jesse Remmers?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Sinds wanneer hij Ros heeft leren kennen? Hoe heeft meneer Remmers Ros leren kennen?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op.
Voorzitter: Uhm, misschien een toelichting waarom u die vraag niet beantwoordt? Hoe u meneer Ros heeft leren kennen?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op, meneer de voorzitter.
Voorzitter: Dan begrijp ik dat u zegt: ik laat het woord aan mijn advocaat. Misschien wil de advocaat uitleggen op welk verschoningsrecht een beroep wordt gedaan en wilt u dat nader toelichten?
Mr. Van Berge Henegouwen: Het verschoningsrecht dat meneer heeft valt onder het verschoningsrecht dat meneer heeft ten aanzien van de verdachten die hier terechtstaan en daarnaast denk ik dat het ook valt onder een van de lopende zaken, in die zin wat ik u al zei: de ontnemingszaak grijpt terug tot 1993…

Voorzitter: In welke stand bevindt zich deze ontnemingszaak eigenlijk?
Mr. Van Berge Henegouwen: Uw Hof heeft daar uitspraak in gedaan in januari en daarna is er cassatie ingesteld, ik meen zelfs bij beide partijen, maar dat weet ik niet zeker.
Voorzitter: Het is nog niet onherroepelijk?
Mr. Van Berge Henegouwen: Nee, dat is nog niet onherroepelijk beslist.
Voorzitter: Advocaat-generaal, ik heb de vragen genoteerd. Ik vraag ook even voor de orde of u op beantwoording van deze vragen aandringt?
AG De Jong: Nou, de vragen waar het de zoon betreft, kan ik me nog iets voorstellen bij het verschoningsrecht, hoe meneer Remmers meneer Ros heeft leren kennen, vindt ik moeilijker om te duiden onder het verschoningsrecht. Wij hebben een hele reeks met vragen overigens over de periode dat de verdachten van Passage nog op vrije voeten waren, zeg maar tot 2006/2007, maar ik voorzie dat op al die vragen meneer Remmers zal zeggen dat dat valt onder het verschoningsrecht. Ik zou al deze vragen een voor een af kunnen gaan lopen, op zich is dat ook de weg die we zouden moeten bewandelen, denk ik, maar mijn vraag is: als ik vragen ga stellen aan de heer Remmers over die periode, of meneer Remmers dan bij alle vragen zal zeggen dat hij geen antwoord zal geven?
Remmers: U verwacht een antwoord?  Ja, ik moet u aankijken, meneer de voorzitter.
Voorzitter: Er is een vraag gesteld.
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op en op de volgende vragen die gesteld worden, geef ik ook geen antwoord.
Voorzitter: Nou, advocaat-generaal, bent u nu ontmoedigd?
AG De Jong: Enigszins. Ja, dat zijn de vragen die zien op de periode van de strafbare feiten, maar we hebben ook een aantal vragen die zien op de huidige periode 2014/2015, en daar hebben we ook een reeks vragen over die we ook nog in ieder geval willen stellen. Ik zal de periode over de strafbare feiten nu even laten. Dan heb ik een vraag over Martin Kok. Martin Kok is hier gehoord op zitting in Hoger beroep. U was daarbij aanwezig op de publieke tribune. Waarom was u aanwezig bij dat verhoor?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op.

Voorzitter: Graag even toelichten.
Mr. Van Berge Henegouwen: Voorzitter, opnieuw het antwoord: de aanwezigheid van mijn cliënt bij dit proces zijn gerelateerd aan het verschoningsrecht dat hij als vader heeft van een van de verdachten waarvan het OM de vervolging heeft ingesteld.
Voorzitter: Ja, volgende vraag?
AG De Jong: Wij dringen wel op beantwoording, want ik heb de toelichting gehoord, maar ik snap niet goed hoe het verschoningsrecht op die vraag van toepassing zou zijn. Één van de andere getuigen die is gehoord, is George van Dijk. We hebben Martin Kok ook vragen gesteld, toen hij hier was op zitting, over een etentje dat er is geweest op 11 maart 2015, waar Martin Kok en George van Dijk bij aanwezig waren volgens de berichten op zijn site en waarbij u volgens Martin Kok ook bij aanwezig was. Er staat ook een foto op zijn site van u en Martin Kok. Bent u bij dat etentje geweest op 11 maart 2015?
Remmers: Voor alle beleefdheid: Daar geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Hield dat etentje verband dan met de strafzaak van uw zoon?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Heeft u contact gehad met Martin Kok?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: En vanaf wanneer is dat contact ontstaan tussen u en Martin Kok?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Bent u degene geweest die het initiatief heeft genomen voor dat contact?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Heeft u Martin Kok buiten het bestek van de zitting nog ontmoet?
Remmers: Geef ik geen antwoord op, advocaat-generaal.
AG De Jong: Heeft u gesproken met Martin Kok over wat hij zou kunnen verklaren als getuige?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Heeft u Martin Kok geadviseerd zich te melden bij advocaat Meijering?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Wat weet u van contacten tussen Martin Kok en George van Dijk? Weet u daar iets van?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Heeft u zelf contact gehad met George van Dijk?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Voor alle duidelijkheid, dan bedoel ik de periode in aanloop naar zijn verhoor als getuige hier op de zitting? Voorjaar 2015.
Remmers: Met alle beleefdheid, daar geef ik geen antwoord op.

Voorzitter: Zeg, even de tussenstand, ik maak hier steeds uit op dat u zich beroept op uw verschoningsrecht, klopt dat?
Mr. Van Berge Henegouwen: Ja, zowel naar de zoon als de neef.
AG De Jong: Is er tijdens dat etentje gesproken over Fred Ros?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Wij hebben gezien op Vlinderscrime dat er een foto staat van 24 april 2015. Dan staat Martin Kok hier buiten met u op de foto. Dan beloofd Martin Kok ook dat hij een exclusief interview met u gaat houden…
Voorzitter: Aan de lezers van zijn site?
AG De Jong: Aan de lezers van zijn site… Is dat interview er ooit gekomen? Heeft u meegewerkt aan een interview van Martin Kok?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Martin Kok heeft hier op de zitting verklaard dat u wel eens gevraagd heeft aan hem om stukken te verwijderen van internet. Heeft u dat wel eens gedaan?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: En waarom heeft u dat dan gedaan? Waarom heeft u dat verzoek aan Martin Kok gedaan?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Wanneer heeft u Martin Kok voor het laatst gezien of gesproken?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Wist u van te voren dat Martin Kok zich ging melden bij de heer Meijering?
Remmers: Advocaat-generaal, elke vraag die u stelt, geef ik geen antwoord op. Dank u wel.
AG De Jong: Martin Kok heeft op zijn site op 11 september gemeld dat hij u heeft gezien op de zitting van Willem Holleeder, dat u daar aanwezig was op de tribune, klopt dat?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Heeft u toen gesproken met Martin Kok?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Waarom was u aanwezig op de zitting van Willem Holleeder?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Heeft u wel eens overlegd met advocaten over getuigen die verklaringen zouden kunnen afleggen in dit proces?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Heeft u contacten gehad met personen die zich hebben gemeld als getuige in 2014 of 2015?
Remmers: Geef ik geen antwoord op.
AG De Jong: Heeft u eerder contacten gehad met getuigen die zijn gehoord in Passage?
Remmers: Geef ik geen antwoord op, mevrouw de advocaat-generaal.

Voorzitter: Misschien is het moment aangebroken dat we eens even de tussenstand doornemen. Tenminste ik kijk even naar mijn collega’s…  Ja, meneer Remmers, ik heb u al gevraagd of er ook vragen zijn die u wel gaat beantwoorden. Daar wilde u ook niet op antwoorden, dus dat maakt het allemaal wat lastig. Ja, ik citeer maar even uit een proces-verbaal dat is opgemaakt door de politie. U kijkt wat verwonderd, maar ik heb het hier voor me liggen: U zegt: ‘Ik vertel niks bij jullie, ik ga bij de rechter wel verklaren’…  Ja, dat leidt, als het klopt wat hier staat, maar daar ga ik even vanuit, eigenlijk tot weinig tot dusver, terwijl het wel de nieuwsgierigheid prikkelt, in ieder geval van de lezer van dat proces-verbaal, want ik lees dat uit uw mond is opgetekend: Iedereen wordt maar genoemd, maar over die moorden wil ik het volgende nog wel kwijt: ‘Jullie weten zelf wel wie de daders zijn, iedereen weet dat’. Dus laat ik maar met de deur in huis vallen: Zegt u het eens, wie zijn dan de daders van die moorden? Welke moorden bedoelt u dan?
Remmers: Daar geef ik geen antwoord op eh… meneer de voorzitter
Voorzitter: Waarom niet?
Mr. Van Berge Henegouwen: Met betrekking tot de juridische vraag waarom hij geen antwoord geeft, laat hij het woord aan mij over en ook hier geldt weer voor dat elke vraag in dit proces gericht is op verdachten, betreffende twee familieleden die terecht staan, uit dien hoofde heeft hij verschoningsrecht en daarnaast heeft hij nog eventueel ander verschoningsrecht.
Voorzitter: Ja…
AG De Jong: We hebben ook nog wel één belangrijke vraag die we aan meneer Remmers willen stellen…
Voorzitter: Die mag u nu stellen. Ja.
AG De Jong: Heeft u wel eens gehoord over betrokkenheid van Fred Ros bij strafbare feiten?
Remmers: Geef ik geen antwoord op, mevrouw de advocaat-generaal.
AG De Jong: Heeft u wel eens gehoord over betrokkenheid van Fred Ros bij de moord op  Cor van Hout?
Remmers: Geef ik geen antwoord op, mevrouw de advocaat-generaal.
AG De Jong: Heeft u wel eens van andere personen gehoord dat zij iets gehoord zouden hebben over de betrokkenheid van Fred Ros bij strafbare feiten?
Remmers: Geef ik geen antwoord op, mevrouw.
AG De Jong: Heeft u van andere personen gehoord dat zij gehoord hebben van Fred Ros, of weten van Fred Ros, over de betrokkenheid van Ros bij de moord op Cor van Hout en Robert ter Haak?
Remmers: Op alle vragen die u mij vraagt, geef ik geen antwoord op. Dank u wel.
Voorzitter: Even terug naar de gesuggereerde tussenstand. Ik kijk ook even naar mijn collega’s… Goed, we onderbreken even de zitting. Mooi even tijd voor een kop koffie, al is het wat vroeg op de dag, want dan gaan we eens nadenken of dat verschoningsrecht wat u inroept wel toekomt.

De raadsman van Greg Remmers, Mr. Sjoerd van Berge Henegouwen, vroeg even het woord en kreeg dat.
Mr. Van Berge Henegouwen: Voorzitter, het is heel eenvoudig, de zoon van mijn cliënt staat terecht, zijn neef staat hier terecht, daarnaast is hij verdachte in een aantal strafzaken, zoals ik al eerder memoreerde. Het OM stelt een hele reeks van vragen en je kunt er vanuit gaan dat de intentie van het OM is dat die vragen hun zaak helpen en dat betekent alleen al dat daarom meneer het recht heeft om te zwijgen, om zich te verschonen, om het strafproces voor zijn familieleden niet ingewikkelder voor hun te maken en dat recht heeft de wetgever hem gegeven. Dus het is heel eenvoudig. Er worden hier geen vragen gesteld die gericht zijn op andere dingen. Ze worden misschien wel gesteld, maar dan zijn ze zo niet-relevant dat je de vraag kunt stellen van: waarom moeten ze überhaupt gesteld worden? Maar dat laat ik graag aan u over.
Voorzitter: Zeker, het gaat u namelijk niet aan.
Mr. Van Berge Henegouwen: Maar du moment dat er een vraag is van enige interesse, geldt dat meneer niet hoeft mee te werken aan enige vorm van veroordeling van zijn familieleden.
Voorzitter: Dat is wat u bedoelt met ‘de zaak helpen’, als u het heeft over ‘het helpen van de zaak van het OM’?
Mr. Van Berge Henegouwen: Van het OM, ja.
Voorzitter: Dan bedoelt u de waarheidsvinding die het OM nastreeft?
Mr. Van Berge Henegouwen: Ik weet niet of dat persé de waarheidsvinding is, maar meneer is niet op verplicht om enigerlei wijze mee te werken.
Voorzitter: Bedankt voor uw toelichting. Het standpunt heb ik nog niet geïnventariseerd, maar we onderbreken even de zitting zodat we er ambtshalve even naar kunnen kijken en misschien willen de advocaten het ook even laten zakken.

Tot zover het getuigenverhoor.

Na deze onderbreking gaf de voorzitter aan dat het erop lijkt dat de getuige Greg Remmers inderdaad verschoningsrecht toekomt, maar hij wilde de raadslieden van de verdachten en de AG’s van het OM nog wel even gelegenheid geven hun standpunt naar voren te brengen of verschoningsrecht wel toekomt en of de getuige nog vragen zou moeten beantwoorden.

AG De Jong stelde dat niet valt in te zien waarom de getuige Greg Remmers geen vragen zou kunnen beantwoorden van de periode 2014/2015, met name over het tot stand komen van verklaringen van getuigen, omdat dit niet alleen maar, zoals de verdediging stelt, ‘naar het oordeel van het OM de zaak van het OM zou helpen’, maar zo beperkt is dat niet, aldus de AG, De vragen zouden volgens haar zien op de waarheidsvinding. Van belang voor die waarheidsvinding kan zijn hoe verklaringen van getuigen die in de zittingszaal zijn afgelegd, gewogen zouden moeten worden. Een normale vraag daarbij is: of getuigen onderling wellicht contact hebben gehad van te voren? Volgens de AG kan die vraag mogelijk iets zeggen over de waardering van getuigenverklaringen en ziet het OM niet in hoe die vragen over onderlinge contacten tussen getuigen en de waardering daarmee, hoe een beroep op het verschoningsrecht ten aanzien van die vragen op zou kunnen gaan. Ook ten aanzien van getuigen die eerder in Passage zijn geweest. Daarbij dacht de AG met name aan getuige F3.

Mr. Sander Janssen gaf een uitgebreid standpunt, wat erop neerkwam dat een getuige verschonings-recht toekomt zodra er verklaard zou moeten worden over familieleden en de gevolgen van zijn/haar verklaringen mogelijk niet zijn te overzien. In dit langdurige, grote en complexe strafproces is dat zeker zo en de wetgever heeft niet voor niets verschoningsrecht in de wet vastgelegd. Het OM vraagt de vragen die zij stelt niet voor niets, het OM wil de antwoorden gebruiken die iets zouden zeggen over de betrouwbaarheid van afgelegde verklaringen door getuigen in dit Passageproces, bv. getuigen als F3, Martin Kok en de ook genoemde George van Dijk, en die staan weer in relatie tot de betrouwbaarheid van kroongetuigen Peter la Serpe en Fred Ros. Het standpunt van het OM dat in een zaak als deze er vragen zouden zijn die op geen enkele wijze kunnen raken aan een inhoudelijke waardering van de zaak, denkt Mr. Janssen niet, integendeel: ze raken volgens de raadsman juist wel aan door het Hof te nemen inhoudelijke beslissingen. Onder die omstandigheden is hij van mening dat verschoningsrecht de getuige Greg Remmers volledig toekomt. Daarom kan volgens Janssen niet worden verwacht van de getuige antwoord te moeten geven op vragen.

De overige aanwezige raadslieden sloten zich daar volledig bij aan. Vervolgens ging het Hof in beraad en na deze onderbreking gaf het Hof een beslissing.

De beslissing hield in dat getuige Greg Remmers inderdaad verschoningsrecht toekomt en verdere vragen dus niet hoefde te beantwoorden. Het betrof volgens het Hof twee clusters van vragen, over de periode 2014/2015 en over de periode daarvoor. In de zaak Remmers kan familiaal verschoningsrecht worden vastgesteld, aangezien Jesse Remmers de zoon is van de getuige en Nan Paul de B. de neef. Daarnaast is de materiële verwevenheid van de 8 andere zaken met deze twee zaken van familieleden zo groot dat de ratio van dat verschoningsrecht, dus van die familieverhouding, Greg Remmers ook toekomt in die andere zaken. Anders dan het OM stelt, hoeft nadere toelichting op dat punt niet te worden gegeven. Het verzoek van het OM werd dus niet overgenomen door het Hof. De raadslieden hadden na deze beslissing geen verdere vragen. Daarmee was de zitting ten einde gekomen. De getuige mocht gaan.

***

Het Hof heeft de nieuwe zittingsagenda bekend gemaakt via persvoorlichting.  De eerstvolgende getuigenverhoren zijn die van Koos Reuvers en Ed Smit op donderdag 15 oktober.

Zie: Passage-planning van okt/dec 2015 


Bondtehond bij het liquidatieproces

Dit bericht werd geplaatst in Liquidatie proces en getagged met , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s